Column Chris Aalberts: Nepnieuws

Column Chris Aalberts: Nepnieuws

Voor de verkiezing van Donald Trump hadden we nog nooit van het fenomeen gehoord, maar tegenwoordig word je er bijna dagelijks mee om de oren geslagen: nepnieuws. Het kabinet is bezorgd. Volgens minister Ollongren onderneemt Rusland pogingen om de Nederlandse publieke opinie te beïnvloeden.

Ollongren ging naar Brussel om op EU-niveau te overleggen hoe nepnieuws kan worden aangepakt. Ook wil ze er een hoorzitting over. Het Centraal Planbureau kwam met het idee voor een vergunningenstelsel voor sociale media. Platformen als Facebook en Twitter zouden verplicht moeten worden nepnieuws weg te filteren of te markeren. Gebruikers zouden moeten kunnen zien dat ze wellicht met nepnieuws te maken hebben.

De grote vraag is natuurlijk hoe serieus dit probleem is. Eigenlijk weten we dat niet. Ollongren zegt wel dat Rusland nepnieuws verspreidt, maar ze kan er geen concrete voorbeelden van geven. Zo maakt ze het wel heel makkelijk om alle zorgen weg te zetten als complete onzin.

Welke Nederlandse voorbeelden van nepnieuws zijn er? Op internet gaat het verhaal rond dat drie asielzoekers een hondje in de brand hebben gestoken en dat een vrouw van 300 kilo een baby van twintig kilo heeft gekregen. Trump twitterde een Nederlandse video waarop ’een moslim’ een jongen in elkaar slaat en de Amsterdamse FvD-kandidaat Yernaz Ramautarsing twitterde dat de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen een kerstboom weg zou halen na klachten van studenten.

Het bericht over het hondje is verzonnen, het verhaal over de dikke vrouw overdreven, de moslim in de Trump-video blijkt een in Nederland geboren niet-moslim en de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen laat weten geen kerstbomen weg te halen. De Nederlandse voorbeelden van nepnieuws liggen vooral op het terrein van hate speech: een ernstig probleem maar echt nieuw is het natuurlijk niet. Vaak gaat het om opmerkelijke verhalen die veel bezoekers trekken en dus commercieel aantrekkelijk zijn om te produceren.

Ook de huidige aanpak van nepnieuws suggereert dat het probleem wel meevalt. Op Facebook kunnen gebruikers nieuws rapporteren als ze vermoeden dat het nep is. De gerapporteerde berichten worden dan ter controle doorgestuurd naar de Universiteit Leiden en Nu.nl. Het merendeel van de gerapporteerde berichten wordt echter nooit gecontroleerd en als er controle plaatsvindt, gebeurt die door onbetaalde studenten. Zo komt alles samen: er zijn nauwelijks relevante voorbeelden van nepnieuws en dus wil niemand een stuiver uitgeven aan de bestrijding ervan.

Ollongren kan makkelijk roepen dat de overheid er dan maar iets aan moet doen. Maar als er echt een probleem is, staat burgers niets in de weg een abonnement te nemen op een krant en daarmee de journalisten te financieren die als dagtaak hebben nepnieuws op te sporen en weg te filteren. Allemaal zonder bemoeienis van de overheid.

Wil je niks missen van De Gooi- en Eemlander? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws