De klas spiegelt de leraar, dus kijkt Iris de Wit kritisch naar zichzelf | column

Iris de Wit

Als docent moet je het leven voorleven. Je leerlingen leren niet alleen van jouw aantekeningen op het bord - die ik op mijn huidige school overigens lekker ouderwets met krijt mag maken - maar vooral van je gedrag. Een klas spiegelt de leraar.

Aan het begin van het jaar trek ik daarom flink wat tijd uit om mezelf voor te stellen. Daarbij vertel ik niet alleen over mijn curriculum vitae, maar laat ik de leerlingen ook weten wat ik belangrijk vind in het leven. Dat we naar elkaar luisteren en oprechte verbinding maken is daar een belangrijk onderdeel van.

Dat probeer ik voor te leven. andaar dat ik alles op alles zet om de namen van mijn leerlingen snel te kennen. In mijn hoofd speel ik ’ik ga op vakantie en neem mee’ om die vrolijke koppetjes aan een lijstje namen te koppelen. Daarnaast stel ik me ontvankelijk op en ga mee met de sfeer in de klas. Die verschilt nogal per groep en per situatie. Bovendien beloof ik mijn best voor hen te doen om mijn werk op tijd af te hebben, zoals ik van hen verwacht dat zij hun best doen.

Na enkele weken ontstaat onvermijdelijk het moment waarop duidelijk wordt dat de teugels weer strakker aangetrokken moeten worden. Er wordt minder huiswerk gemaakt, een telefoon gaat mee de klas in en het volume staat een stukje hoger. Als ik zulke dagen zie aanbreken, trek ik mijn mantelpakje aan en zet ik mijn Jo-Frost-brilletje op om met een streng gezicht mijn leerlingen toe te spreken. Ik kondig het aan tegenwoordig, zo lief ben ik dan weer wel.

Zoals vorige week vrijdag. ’Huiswerk op tafel!’ Ik dender door de klas en noteer in mijn agenda de namen van leerlingen die hun werk niet op orde hebben. Dat gaat lekker, nog niemand op het lijstje, mijn aankondiging heeft gewerkt. Tot ik bij die ene jongen linksvoor in de klas ben. Normaliter heeft hij zijn huiswerk altijd af, komt hij nooit te laat en zegt hij altijd netjes ’Ja, mevrouw,’ als ik hem iets vraag. Juist deze voorbeeldige leerling heeft zijn huiswerk niet gemaakt. Ik haal diep adem, denk aan het motto ’gelijke monniken gelijke kappen’ en zet mijn strengste gezicht op... Vervolgens hoor ik dat zijn tante een dag eerder is overleden.

Zul je net zien. Ik klap mijn agenda dicht en vraag hardop hoe we hem kunnen helpen. De klas heeft wel wat ideeën en samen schrijven we een kaart voor hem. Dat doet hem goed. Ik zet mijn strenge brilletje af en besef dat ik er als docent op moet letten dat ik mijn leerlingen goed blijf voorleven. Ook als moeder van twee kinderen, trouwens. Als je wilt dat je kinderen zich ontwikkelen tot authentieke persoonlijkheden die zich verantwoordelijk voelen voor de wereld om hen heen en voor anderen iets willen betekenen, zit er maar één ding op: word zelf zo’n persoon. Dat geldt natuurlijk ook op de werkvloer. Als je wilt dat je personeel de taken serieus neemt, laat het zien wat jij wilt zien.

Diezelfde avond pak ik mijn stapel nakijkwerk om de leerlingen hun cijfers precies op de deadline terug te geven. Dat is tenslotte mijn ’huiswerk’. Volgende keer ben ik hiermee ruim op tijd. Beloofd.

Iris de Wit werkt als zzp’er in, met en voor het onderwijs. www.irisdewit.nl

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.