Het Bloemendaalse verzet koopt de Duitsers om en verhindert het opblazen van de sluizen bij IJmuiden

De brief aan het anti-Sprengkommando van het Bloemendaalse verzet.
© Collectie De Jong
Bloemendaal

Maart 1945. De Hongerwinter in de randstad loopt op zijn eind. Het einde van de oorlog is in zicht. De uitgemergelde Nederlandse bevolking zucht echter nog altijd onder de Duitse bezetting. De nazi-terreur is erger dan ooit tevoren. Elke verzetsdaad wordt vergolden met massa-executies op straat.

Lees hier alle verhalen over 75 jaar bevrijding

In april 1945 daalt het moreel van de Duitse soldaten in Bloemendaal zienderogen. De discipline neemt af. De soldaten zijn rumoerig en spreken met elkaar af dat ze zich bij de komst van de geallieerden zo snel mogelijk krijgsgevangen laten maken. Overleven is de strategie geworden.

Het verzet doet alles om het moreel nog verder te ondermijnen. Die term mag letterlijk worden genomen. Soldaten raken gewond als hun auto’s op kleine mijnen rijden. De banden van hun auto’s raken vernield. Voedsel hebben de Duitsers nog voldoende, maar aan jenever en tabak valt niet te komen.

Overlopers

Het Bloemendaalse verzet krijgt steeds meer te maken met overlopers. Dat worden er uiteindelijk zoveel dat er uitgebreide instructies voor worden uitgevaardigd. Met deserteurs mag niet in onderhandeling worden getreden. Ze moeten direct worden ontwapend en worden verhoord over vijandelijke plannen. Verbergen en voeden is toegestaan, maar ze mogen niet aan burgerkleding en fietsen worden geholpen.

Meevechten met het verzet, de Binnenlandse Strijdkrachten (BS), is ook verboden. Alleen als het gaat om een ’buitenlands’ legeronderdeel van de Wehrmacht, mogen die worden geworven voor de gewapende strijd. Zoals Armeense of Russische krijgsgevangenen die voor Duitse krijgsdienst hebben gekozen in plaats van een uitzichtloze gevangenschap. Maar niet samen met de BS.

Sluizen van IJmuiden in1936.
© Archief

Hitler heeft in die dagen de tactiek van de verschroeide aarde afgekondigd. Sprengkommando’s staan klaar om de sluizen van IJmuiden en twee elektriciteitscentrales op te blazen. Het zijn dezelfde soort commando’s die een spoor van vernieling achterlieten in Oost-Europa en in Nederland talloze schepen, bruggen en tunnels opbliezen.

Sprengkommando’s zitten in een villa aan de Rijperweg in Bloemendaal te wachten op het ’Befehl’ om een groot deel van West-Nederland onder water te zetten. Zeker met veel doden tot gevolg.

Desastreus

Het verzet krijgt lucht van dit desastreuze plan. De Nederlandse regering, in ballingschap in Engeland, verordonneert dat alles in het werk moet worden gesteld om te voorkomen dat die plannen worden uitgevoerd.

Al eerder hebben de bezetters in Noord-Holland de Wieringermeerpolder en de Wijkermeerpolder onder water gezet. Dijken werden doorgestoken. Een massa water maakte van deze moeizaam drooggelegde polders weer een meer.

Lees ook: Duitsers blazen de dijk bij Wieringermeer op, 20.000 hectare onder water, duizenden bewoners op de vlucht: ’Je zag een watermuur op je afkomen’ [video]

Het plan om de sluizen van IJmuiden op te blazen, moet koste wat kost worden voorkomen. Hierdoor zou een groot deel van de randstad onder een paar meter zeewater komen te staan. Het verzet roept alle leden in de buurt van de Sprengkommando’s op.

Wie weet er wat van die Duitsers? Aan een aanval op de Sprengkommando’s denken ze niet. Te riskant, en misschien besluiten ze dan juist meteen tot actie over te gaan. Dan rijpt een riskante gedachte. Kunnen die Duitsers misschien worden omgekocht?

Het Sprengkommando zat in villa Zonneduin aan de Rijperweg in Bloemendaal.
© Foto Hein Flach

Smeergeld

Uit Engeland komt een bericht binnen. Op 23 maart 1945 krijgen de verzetsgroepen van de Nederlandse regering de opdracht om verkenningen uit te voeren. Wat willen ze opblazen? En belangrijker: hoe kunnen we dat voorkomen?

Het bericht is bewaard gebleven. De hoogst vertrouwelijke brief staat afgedrukt in het boek Verzet in Bloemendaal van Hans Hoffmann en Charles Coster van Voorhout, dat binnenkort huis aan huis wordt verspreid in Bloemendaal en voor 99 eurocent bij bol.com als e-book is te krijgen.

In de opdracht vanuit Engeland staat wat het verzet moet doen. Het komt neer op smeergeld en omkoping. Alles is geoorloofd om de ramp met de sluizen te voorkomen.

Er dient een onderzoek ingesteld te worden ’naar de in uw ressort verblijvende Sprengkommando’s, wat betreft sterkte, legering, vermoedelijke taak en voornemen. Bijzonderheden omtrent hun persoon, woonplaats, adres, al of niet actief partijlid, gewoonten, (on)hebbelijkheden (drank, vrouwen, zwarte handel, begeerte naar goud, juwelen, antiquiteiten), zwakke zijden, optreden als mensch, prestige, verhouding tot Nederlanders, enz.”

Geld geen gebrek

In het boek wordt oud-verzetsman Cees de Jong aangehaald.

,,Er zijn Duitsers omgekocht, die vervolgens in het niets oplosten. Er zijn Duitsers bij het verzet ondergedoken. En er zijn Duitsers in krijgsgevangenenkampen terechtgekomen, waaruit ze met hulp van hun illegale relaties vervroegd zijn vrijgelaten. Samen met anderen, onder wie Hans van Deth met wie ik intensief samenwerkte, en de verzetsman Kees Speel heb ik geprobeerd een aantal Duitse officieren van het Sprengkommando dat op de Rijperweg in Bloemendaal zetelde, op andere gedachten te brengen. Ik heb die Duitsers zelf nooit ontmoet, hoor, maar Speel wel.”

Speel wordt omschreven als een succesvolle handelaar in krokodillenhuiden. Die liet hij voor de oorlog looien in Duitsland. De man beheerst de Duitse taal goed en hij gaat in gesprek met een aantal Duitse officieren. Zij tonen zich gevoelig voor smeergeld en andere gunsten. In ’t Pannenkoekenhuisje aan de Mollaan in Bloemendaal vinden de geheime gesprekken plaats.

Landgoed Schapenduinen, broeinest van het verzet.
© Collectie De Jong

De Jong, in het boek: ,,Speel zag kans die kerels om te kopen. Niet alleen met geld, maar ook met koffie, sigaretten en beloften voor een goede behandeling na de oorlog. De elektriciteitscentrales van Amsterdam en Velsen zijn op die manier gespaard gebleven. Ook de sluizen van IJmuiden zijn niet opgeblazen.”

Aan geld om de Duitsers om te kopen heeft het verzet geen gebrek. Via het Nationaal Steunfonds, de ’bankier van het verzet’, kan het Bloemendaalse verzet zoveel geld krijgen als ze nodig hebben. Dit fonds verschaft al sinds 1943 tientallen miljoenen guldens om gearresteerde verzetslieden vrij te kopen, Duitse militairen om te kopen en gezinnen van omgekomen verzetsmensen te steunen. Ook de 30.000 spoorwegbeambten die door de Spoorwegstaking geen inkomen meer hadden, worden door het fonds gesteund.

Dynamiet

Nadat het verzet eind maart contact had gelegd met leden van het Duitse Sprengkommando in Bloemendaal, die men wist om te kopen, kreeg verzetsman Ton de Waal Malefijt eind april 1945 ineens bezoek van twee Duitse militairen.

,,Er kwamen onverwachts twee Duitse officieren, een hoge en een iets lagere, op bezoek in ons huis aan de Korte Zijlweg. De onderduikers doken meteen onder de vloer. De twee militairen, die ik niet kende en die naamloos bleven, maar die volledig van onze illegale activiteiten op de hoogte bleken, boden aan iets voor het verzet te doen. Ik wist niet wat ik hoorde.”

,,Na enig heen en weer gepraat zei ik: ’Wij hebben vernomen, dat de sluizen van IJmuiden ondermijnd zijn. Als ze worden opgeblazen, loopt het land onder. Misschien kunt u dat onheil voorkomen.’ De twee vertrokken met een handdruk.”

Enkele dagen later kwamen ze terug. De Waal moest met ze meefietsen naar de sluizen. De Waal zag de dynamietstaven aan de sluisdeuren zitten. Toen lieten de mannen hem zien dat alle draden waren losgetrokken. En losten ze volgens De Waal op in het landschap.

E-boek bijna gratis: € 0,99

Het boek Verzet in Bloemendaal is een initiatief van Jan de Jong, zoon van verzetsman Cees de Jong. Bij alle Bloemendalers valt het gratis in de brievenbus. Het 286 pagina’s dikke werk is tegen kostprijs (€5,37) te koop en als e-book kost het 99 cent bij online boekwinkels.

De Jong vindt het belangrijk dat de geschiedenis van het verzet in Bloemendaal breed bekend wordt. ,,De rechten van het boek en e-book worden om niet beschikbaar gesteld om het verhaal van het verzet aan volgende generaties door te kunnen vertellen. Het verhaal van jonge mannen en jonge vrouwen die geheel belangeloos vaak meerdere keren per dag verzetsacties ondernamen waar de doodstraf op stond. En nadat vrienden daadwerkelijk de doodstraf kregen en gefusilleerd werden door de nazi’s, gingen zij de volgende dag gewoon door met hun verzetswerk.’’

Cees de Jong was 25 jaar toen hij in het verzet belandde. Aan gewapende acties deed hij niet. Hij was goed in coördineren en faciliteren, en het verzamelen van inlichtingen. Het hielp daarbij dat zijn vader Jan de Jong hoofd van publieke werken was in Bloemendaal, en zodoende toegang had tot belangrijke informatie.

Door zich bijzonder ’bureaucratisch’ op te stellen, wist Jan de Jong bijvoorbeeld de sloop van het Kennemer Lyceum - brandhaard van verzet - te voorkomen. En ook de Joodse begraafplaats wist hij te behouden.

Meer nieuws uit Extra

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.