Premium

’Hij of ik’, expositie over hoe soldaten van beide kampen overleefden in de oorlog

’Hij of ik’, expositie over hoe soldaten van beide kampen overleefden in de oorlog
De expositie ’Hij of ik’ vertelt het oorlogsverhaal van de Canadese frontsoldaat Léo Major (links) en zijn Duitse evenknie Hans Kürten (rechts).
© Joost Reijnders
Soesterberg

Ons land werd 75 jaar geleden bevrijd. Talloze verhalen zijn er al over verteld. Het Nationaal Militair Museum in Soesterberg heeft gekozen voor de geschiedenis van twee jonge mannen die de oorlog letterlijk aan den lijve ondervonden: de Canadees Léo Major en de Duitser Hans Kürten.

(Lees ook: ooggetuigenverhalen over de Tweede Wereldoorlog)

Het is geen verhaal over generaals, politici en strategie, niet over officieren, niet over de holocaust of de nazi-terreur. Het is het verhaal van twee jonge mannen die zijn meegezogen in de oorlog, gewond raakten en als door een wonder die oorlog overleefden. Jonge mannen voor wie letterlijk gold ’Hij of ik’, zoals de naam van de expositie luidt.

Samensteller van de tentoonstelling Dirk Staat: „Je kunt je afvragen of je dat wel moet doen, ook het verhaal van die Duitse soldaat vertellen. De Canadezen waren de helden, bij de bevrijding van ons land zijn 6000 Canadezen gesneuveld. Léo Major was een held, een bevrijder. Raakte twee keer gewond, was de eerste geallieerde militair die Zwolle inging.

Voor ons staan in deze tentoonstelling de mensen centraal, en daarom hebben we ook het verhaal van Hans Kürten willen vertellen. Hij was een onderdeel van de bezettingsmacht, geen nazi overigens, op zijn achttiende door de Wehrmacht in de kuif gepikt en tegen zijn zin in dienst gegaan. Eerst aan het Oostfront, later in Normandië en in Nederland. Ook hij is gewond geraakt, ook hij vocht voor zijn leven. We vertellen het verhaal van twee soldaten, het echte verhaal, zoals zij het hebben meegemaakt.”

Vertelling

De expositie is chronologisch opgebouwd: het begint bij Léo Major (1921-2008), een Frans-Canadese jongen uit Montreal die bij het uitbreken van de oorlog op zijn achttiende vrijwillig dienst neemt in het Canadese leger. Een audiotour leidt de bezoeker door het verhaal. Geen ingesproken fotobijschriften, maar een dagboekvertelling, een luisterboek, ingesproken door de Nederlandse acteur Géza Weisz.

’Hij of ik’, expositie over hoe soldaten van beide kampen overleefden in de oorlog
Het regimentsembleem van Léo Major.
© Joost Reijnders

De tour neemt de bezoeker mee naar D-Day, wanneer Léo met zijn Régiment de la Chaudière deelneemt aan de landing op strand Juno in Normandië. Hij vecht zich een weg langs de kust naar het noorden, is betrokken bij de bevrijding van Zeeuws-Vlaanderen, belandt in Nijmegen.

Hij raakt zwaargewond, verliest het licht uit zijn linkeroog, maar in plaats van zich te laten repatriëren, voegt hij zich weer bij zijn regiment. En dat oog? ’Ik heb maar één oog nodig om te kunnen schieten’, zegt Léo, die als ’sniper’, scherpschutter, actief is. Hij is de eerste geallieerde soldaat die in 1945 Zwolle binnengaat, op een verkenningspatrouille waarbij zijn beste kameraad sneuvelt.

Slag om Arnhem

Léo vecht op plaatsen waar ook de jonge Duitse soldaat Hans Kürten (1925-2019) is geweest. Hans groeit op in een eenvoudig gezin in een dorpje bij Leverkusen. Hij is geen nazi, maar een soldaat die in 1943, een jongen nog, voor zijn nummer moet opkomen voor militaire dienst en naar het Oostfront wordt gestuurd.

In de audiotour vertelt hij via Géza Weisz over de verschrikkingen daar, over de gruwelijkheden die hij er ziet en meemaakt. Hoe hij naar het westen wordt overgeplaatst en betrokken raakt bij de Slag om Arnhem.

Net als Léo raakt Hans meerdere keren zwaargewond en ook hij verliest zijn beste vriend in de strijd. Maar ook vertelt hij hoe hij liefdevol wordt verpleegd door nonnen in een klooster in Almelo, waar ook gewonde Britten en Canadezen worden verzorgd. Zijn oorlog eindigt in krijgsgevangenschap.

Moeders

Conservator Dirk Staal: „We vertellen het verhaal van twee militairen, chronologisch. Het echte verhaal, zoals zij het hebben meegemaakt. Voor het eerst besteden we ook aandacht aan de andere kant, het lijden van die andere kant wordt ook steeds meer herkend. Qua ideologie is de zaak helder: je had goed en fout. Maar er zit ook een menselijke kant aan: ook die Duitsers die op hun achttiende het leger in moesten hadden moeders die thuis verdrietig achterbleven.”

’Hij of ik’, expositie over hoe soldaten van beide kampen overleefden in de oorlog
Een autoverzamelaar stond de auto van Adolf Hitler in bruikleen af voor de expositie.
© Joost Reijnders

Een kanttekening valt er wel te plaatsen bij de audiotour. Weisz’ manier van vertellen maakt het allemaal wel erg spannend en heroïsch. Als Léo verontwaardigd vertelt hoe de SS-troepen lak hebben aan het oorlogsrecht en in de dagen na de invasie in Normandië Canadese krijgsgevangenen vermoordden, vermeldt hij als terloops dat ook zijn kameraden geen genade kenden. ’Is was a hell of a day, no prisoners were made’. Oorlog haalt het slechtste in mensen boven.

Mercedes

In de expositie de gebruikelijke militaire parafernalia: uniformen, badges, wapens die gebruikt zijn door beide partijen. Maar ook enkele bijzondere stukken. Bijvoorbeeld een originele Canadese invasievlag uit Normandië en een Duits propagandakanon. Ook persoonlijke objecten, zoals de Distinguished Conduct Medal van Léo Major en het identiteitsplaatje van Hans Kürten.

Het bijzonderste is misschien wel de imposante Mercedes waarin Hitler zich liet vervoeren. Het museum leende de auto van een steenrijke Britse verzamelaar. Staal: „Die Mercedes geeft ook een beeld van hoe de nazi-cultuur in Duitsland in elkaar zat. De geallieerde opperbevelhebber, generaal Eisenhouwer, reed eenvoudig in een jeep.”

De expositie is donderdag geopend door de Commandant der Strijdkrachten, luitenant-admiraal Rob Bauer in aanwezigheid van nabestaanden van Léo Major en Hans Kürten.

Meer nieuws uit Gooi en Eemland

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.