Premium

Column Niki Jacobs: Guilty pleasure

Column Niki Jacobs: Guilty pleasure

Niki Jacobs is zangeres, getrouwd en moeder van twee kinderen.

Ik haalde op mijn negentiende mijn rijbewijs. In één keer. Sindsdien ben ik onafgebroken in het bezit geweest van een auto. Nu dus al zo’n tweeëntwintig jaar. Ik kan me een leven zonder vierwieler niet voorstellen. Het liefst heb ik er een met een beetje knappe motor erin. De realiteit is echter dat het maar al te vaak een auto is met een maximaal vermogen van 1200 cc en heel soms bij toeval, zoals nu, een 1600. Maar goed, hier in Nederland red je het daar prima mee.

Ach, lieve mensen, ik hou van autorijden. Het liefst lange afstanden. Bijvoorbeeld naar een obscuur vaag theater in een stad met een onuitspreekbare naam in Hongarije of naar de synagoge van een Joodse gemeenschap ergens aan de oostgrens van Tsjechië.

Met een volle tank, dubbele cappuccino, fijne muziek, uren achter elkaar rijden, tot je ogen dichtvallen en je een fractie van een seconde denkt dat je slaapt, om je auto dan toch maar op een parkeerplaats van een groezelig Oostblok-tankstation stil te zetten voor een powernap van drie uur. Zalig.

Tot een jaar of drie geleden kon ik mijn rijliefde dagelijks bevredigen, want ik woonde aan de Hoge Duin en Daalseweg in Bloemendaal. Aan de mensen die deze weg kennen hoef ik niets uit te leggen, maar voor hen die er nog nooit geweest zijn: het is de enige heuvel in het westen des lands. Wielrenners knallen - met gevaar voor eigen leven - over ’het kopje van Bloemendaal’. Ik herhaal: professionele fietsers trainen er voor hun jaarlijkse Mont Ventoux- tour.

Dit geeft je een idee van de hel die deze heuvel is om tegen op te fietsen. Met als resultaat dat ik alles, maar dan ook alles steevast met de auto deed. Even naar de supermarkt in het dorp? Tuurlijk; maar wel met auto. Even naar de stad? Sure, zet ik hem in de parkeergarage. En zelfs op sommige dagen even met de auto naar De Hertenkamp, die niet meer dan 300 meter verderop ligt. Noem het autonomie, noem het praktisch, lui of verwaand, maar ik kan nu eenmaal niet zonder mijn bolide.

Nu woon ik dus sinds een jaar of drie weer in Haarlem. Niet helemaal in het centrum, maar er wel behoorlijk dichtbij. Dichtbij genoeg om zonder gemotoriseerd voertuig te kunnen bestaan. Alles is zo dichtbij dat - al zou ik het willen - het langer duurt om met de auto de stad in te rijden, dan er naartoe te lopen. Mijn auto is dus voor huis- tuin-en keukengebruik overbodig geworden; staat weken achter elkaar voor ons huis te wachten. Op mij.

Met weemoed denk ik terug aan de dagen dat ik zelfs voor het kleinste ritje mijn auto nam. Ik zoek dus altijd naarstig naar een plausibel excuus om die wagen te starten, al is het maar voor even. En dan, ’halleluja’, blijkt de zwemles van de kinderen hélemaal in Haarlem-Noord te zijn!

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.