Dick Verkijk zag in 1945 luchtaanval op Haarlemse kinderen: ’De Engelse piloot dacht natuurlijk ’Hé, een moffenauto, schieten!’

Dick Verkijk zag in 1945 luchtaanval op Haarlemse kinderen: ’De Engelse piloot dacht natuurlijk ’Hé, een moffenauto, schieten!’
Dick Verkijk: ,,Mijn ervaringen in de Tweede Wereldoorlog hebben mij journalist gemaakt’’.
© Foto United Photos/Paul Vreeker
Haarlem

De aangekondigde tentoonstelling ’Een tragisch reis’ over negen Haarlemmers die tijdens de hongerwinter in 1945 werden gedood door een Engelse Spitfirepiloot roept reacties en herinneringen op. Journalist Dick Verkijk was als kind getuige van het drama.

Lees hier alle verhalen over 75 jaar bevrijding

Gedurende die strenge winter kregen tientallen Haarlemse kinderen de kans aan te sterken op boerderijen in Graft-De Rijp. Dat gebeurde op initiatief van Joh. Enschedé & Zonen, en was bedoeld voor kinderen van het personeel van de drukker.

Tijdens het vervoer van een groep kinderen dook bij Alkmaar een geallieerd jachtvliegtuig van de Royal Air Force op. De piloot, die vermoedelijk op de terugweg was van een aanval op een Duitse stad, moet de groene bestelbus hebben aangezien voor vijandelijk, en schoot. Of de Engelse piloot een of twee keer aanviel, is niet duidelijk.

Zeven jonge meisjes, een begeleidster en de chauffeur vonden 21 februari 1945 de dood. Lange tijd was het een onderbelicht verhaal. Na de eeuwwisseling begonnen historici en journalisten met het reconstrueren en boekstaven ervan.

Lees ook: Gewijzigde reisdatum redde het leven van Lies de Boode: zeven kinderen sneuvelden door aanval Engelse Spitfire

Een recente publicatie over het voorval in Haarlems Dagblad leidde tot reacties. Journalist Dick Verkijk (Haarlem, 1929) belde de redactie. Hij werkte voor onder meer NOS, Vara, VPRO en GPD en was de eerste reporter die radio- en televisiereportages maakte vanuit het nog communistische Oost-Europa.

Verkijk wilde als kind vliegtuigbouwer worden. De oorlog en de tragische gebeurtenis bij Alkmaar brachten hem ertoe de journalistiek in te gaan.

Honger

Verkijk weet het nog goed. „Ik was die dag met mijn vader (Dirk Verkijk) in Alkmaar. Hij was na de Sinterklaasrazzia in gevangenschap gezet in Kamp Rees in Duitsland. Rond Kerstmis van ’44 werd hij arbeitsunfähig verklaard en mocht hij naar huis. Sindsdien had hij een traumatische angst voor iedereen die een Duits uniform aanhad.”

Dick Verkijk zag in 1945 luchtaanval op Haarlemse kinderen: ’De Engelse piloot dacht natuurlijk ’Hé, een moffenauto, schieten!’
Spitfire.
© AFP

De honger dreven Dirk (41) en Dick (15) naar boerderijen, waar meestal nog wel eten te krijgen was. Vader Dirk was als de dood voor de reis naar het noorden, maar hij moest wel. „We moesten via de Nieuwe Schermerweg bij Alkmaar en gingen linksaf naar Sint Pancras. Daar zagen we die Spitfire naar beneden trekken. Al schietende met een boordkanon.”

„Wij dachten: die schiet op een moffenauto. Het gebeurde zo dichtbij, zo’n zestig meter van ons af, dat we onder een boom gingen staan. Belachelijk natuurlijk om voor zo’n kanon te schuilen, maar dat deden we. Bang dat wij ook een kogel door onze kop kregen. We zagen dat hij van links naar rechts naar beneden dook. Volgens verhalen keerde hij en heeft hij van de andere kant nog eens geschoten. Dat herinner ik me niet.”

Vader en zoon Verkijk namen geen poolshoogte omdat ze ervan uitgingen dat het een Duits voertuig was. Later op de dag zagen zij bij het politiebureau in Alkmaar de auto staan, helemaal doorschoten. Omwonenden vertelden dat het een auto van Johan Enschedé was.

„Een burgerauto dus. De wagen was groen. Moffen reden met wagens in camouflagekleuren, meestal ook groen. De Engelse piloot dacht natuurlijk ’hé, een moffenauto, schieten!’. Wist hij veel dat er kinderen in zaten. In die dagen reden er nauwelijks auto’s. Alles wat reed, was in beginsel een vijandelijk voertuig.”

Principieel

„Volgens een andere getuige kwam er een geüniformeerde, Duits sprekende meneer naar de auto. Onbekend is of het een soldaat of spoorwegbeambte was. Deze man wilde chauffeur Wernart van Deventer helpen. Maar deze wilde niet door hem geholpen worden.”

De bestuurder zou hebben gezegd: ’Als jullie ons land niet bezet hadden, was ik nooit door een Engels vliegtuig beschoten.’ „De chauffeur overleed twee dagen later in het ziekenhuis van Alkmaar.”

Dick Verkijk noemt de houding van Wernart ’heel vastig, het summum van principieel’. De aanval op de kinderen is een gebeurtenis die hij nooit zal vergeten.

De gesneuvelde kinderen werden samen begraven aan de Kleverlaan in Haarlem. Er was een herdenkingsdienst in de Oude Bavo in Haarlem.

Bij Enschedé verscheen kort na de begrafenissen een boekje, genaamd In memoriam, over het drama met verslagen van de begrafenissen. „Ik heb twee jaar geleden de graven van de kinderen bezocht. Dat vond ik indrukwekkend.”

De vraag of Enschedé te veel risico heeft genomen door de kinderen te vervoeren, vindt Verkijk ontzettend moeilijk te beantwoorden. „Ik vond het een fout dat de wagen groen was. Dat hadden ze nooit moeten doen.”

In 1944 begon Dick Verkijk met een vriendje een illegaal krantje, de Oprechte Haarlemmer. Dat hebben we een jaar lang, twee keer per week, uitgegeven.

„Mijn ervaringen in de Tweede Wereldoorlog hebben mij journalist gemaakt. Ik reisde later als journalist veel door Oost-Europa. Ik stond aan de kant van de dissidenten. Was een sociaaldemocraat. Vond dat de communistische regimes mijn fraseologie (woordgebruik) hanteerden om dingen te doen die niet veel verschilden van wat de moffen ons hadden aangedaan.”

Expositie ’Een tragische reis’, 28 maart t/m 14 september, Museum Haarlem, Groot Heiligland 47

Meer nieuws uit Extra

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.