Premium

Commentaar: Kinderen van overleden Syriëgangers met Nederlandse familie herenigen

Commentaar: Kinderen van overleden Syriëgangers met Nederlandse familie herenigen

Het is een enorm dilemma. Hebben kinderen van ouders, die zich bij Islamitische Staat (IS) hebben aangesloten, recht op terugkeer naar Nederland? De kinderen zijn veelal in Syrië of Irak geboren en zijn opgegroeid met het gedachtegoed van de Heilige Oorlog. Mogelijk zijn ze hier een gevaar voor de samenleving, net zoals hun geradicaliseerde vaders en moeders, die kozen voor een leven van terreur en geweld.

Het kabinet-Rutte is duidelijk. Dat doet geen moeite de pakweg 170 kinderen en hun moeders naar Nederland te halen. Als ze terug willen, moeten ze zich in Irak of Turkije bij een Nederlands consulaat melden, zodat zij zich hier voor hun daden kunnen verantwoorden. Liever ziet de regering dat Nederlandse jihadstrijders berecht worden in de landen waar zij hun misdaden pleegden.

Met de inval van Turkije in Noord-Syrië is de positie van Nederlandse IS-vrouwen en hun kinderen verder verslechterd. In Koerdische vluchtelingenkampen waren zij relatief veilig, al ontbrak het vaak aan voedsel en medicijnen. Nu de Koerden door de Turken uit Noord-Syrië worden verjaagd, vallen de Syriëgangers en hun kinderen ten prooi aan oorlogsgeweld. Hun verdiende loon, zou men kunnen zeggen.

De morele vraag is of IS-kinderen moeten boeten voor de wandaden van hun ouders. Nee, maar het is een brug te ver om uit medelijden met onschuldige kinderen hun geradicaliseerde ouders terug te halen. Wel mag van het kabinet worden gevraagd de kinderen van overleden Syriëgangers te repatriëren. Dat weesjes met hun Nederlandse familie worden herenigd, is toch wel het minste wat er moet gebeuren.

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.