Premium

Uitwaaien op  Vlieland

Uitwaaien op  Vlieland
Legio zeehonden op en rond de zandplaat.
© Foto Waddenfederatie

Vlieland is een autoloos eiland, dus is het even wennen om onze heilige koe in Harlingen te moeten achterlaten. Maar de MS Vlieland is een prettige veerboot die bijna geruisloos door het water lijkt te glijden.

Als je geen eigen vervoer hebt, heb je op Vlieland drie keuzes: je gaat te voet, je huurt een fiets of je neemt de bus. Wij kiezen voor de fiets omdat je zo het meeste van het eiland kunt zien.

Het leuke is dat de veerboot echt in de dorpskern van Oost-Vlieland aankomt. Om ons heen allemaal toeristen die hun rolkoffertjes over de keien laten ratelen. Onze bagage is al opgehaald (een fijne service van ons hotel) en we kunnen direct het eiland gaan verkennen.

We beginnen aan de oostkant. Prettige schelpenpaadjes, de zon op het gezicht, de wind door de haren, uitzicht op de duinen en allerlei typische eilandbegroeiing. Af en toe parkeren we de fiets en pakken een duinovergang mee voor een blik op de zee.

We weten dat in de verte Terschelling en wat zandplaten liggen, maar die zijn nog niet te zien. Een goede blik daarop krijgen we later wel, want we hebben een zeehondentocht bij Ocean King geboekt. De boot, met plaats voor twaalf personen, ziet er vanwege de geringe omvang op het eerste gezicht niet zo zeewaardig uit. Schipper Jan Koning en zijn Braziliaanse vrouw hijsen ons in oranje zeiljacks en reddingvesten. We zitten voorin op een soort motorzadel met wat handgrepen. Die blijken geen overbodige luxe nadat we de jachthaven zijn uitgevaren. De Waddenzee toont zijn onstuimige kant bij windkracht 6. We doen wel een kwartier over de vaargeul, waarna we met een behoorlijke gang koers zetten richting de zandplaten van de ’Engelse Hoek’.

In de verte zien we wat hoopjes op het zand liggen. Dichterbij wordt duidelijk dat het zeehonden zijn. Oude zwarte zeehonden en kleinere grijze zeehonden die eind vorig jaar zijn geboren. Onze kapitein neemt snelheid terug zodat we de dieren goed kunnen bekijken. De meeste blijven gewoon liggen, sommige nemen een zwem- of eetpauze. Af en toe zien we een koppie boven het water uitsteken, erg aandoenlijk. Verder langs de zandplaat duiken steeds meer zeehonden op, uiteindelijk een paar honderd.

De Twentse tweeling José en Karin zijn er alweer voor de vijfde keer bij. Ze kunnen geen genoeg krijgen van de zeehonden, vertelt José die in Zuid-Afrika eens in de buurt van de dieren snorkelde. Ze hebben achter ons plaatsgenomen, op een zachte bank met een stang ervoor.

Op de terugweg snap ik hun keuze. Je hebt weliswaar een geweldig uitzicht voorin, maar wat klappen we telkens op de golven! Ik doe mijn bril snel in mijn jaszak, mijn handen stijf om de grepen heen. Net op tijd, want we krijgen een guts zeewater over ons heen.

Ik houd me nog beter vast, voeten stevig op de grond en bang om uit de boot te vliegen. Maar wat een duizelingwekkende ervaring!

Excursies

De volgende dag stappen we weer uit onze comfortzone. Na een stevig hotelontbijt fietsen we acht kilometer tegen de keiharde wind in naar het Posthuys, de plek waar vroeger de postboot afmeerde.

Boswachter Herman Vogel is het onstuimige weer gewend. Maar volgens hem is elk seizoen prima voor een bezoek aan Kroon’s Polders, een ingepolderd gebied op Vlieland. Opzichter Kroon van Rijkswaterstaat liet vier polders tussen 1898 en 1934 aanleggen om te voorkomen dat het eiland tijdens een zware storm in tweeën zou ’breken’. Ruim vijftig jaar geleden werden de polders weer aan de natuur teruggegeven.

Het gebied is niet vrij toegankelijk; drie keer per week organiseert Staatsbosbeheer excursies. Er broeden lepelaars, roerdompen, bruine kiekendieven en een nieuwkomer: de Cetties zanger. De polders hebben allerlei variaties, van zoet tot bremzout water. Dat levert allerlei plantensoorten op, waaronder acht soorten orchideeën.

Vogel vertelt er boeiend over tijdens onze tocht door de polders. Het is een belevenis om pal langs tureluurs, wulpen, wintertalingen en krakeenden te lopen. Veel te snel is de excursie voorbij en fietsen we heerlijk met de wind in de rug terug via Oost-Vlieland naar ons hotel aan de Noordzee. Daar kunnen onze doorweekte kleren uit en kunnen we - dankzij een late check-out - in de gezinssuite bijkomen. Helemaal in ons element op Vlieland.

Wat & waar

Wie naar Vlieland wil, neemt in de haven van Harlingen de veerboot. De auto parkeerden we op 1 minuut afstand van de passagiersterminal. Bovendien is er ook een treinstation in Harlingen-Haven. Rederij Doeksen verzorgt de overtocht van en naar Vlieland; vooraf reserveren is handig. Je kunt de veerdienst nemen (ongeveer 1 uur en 30 minuten) of de sneldienst (circa 45 minuten).

Meer nieuws uit Lifestyle

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.