Vliegspecialist Benno Baksteen wil altijd 100 procent duidelijkheid

Foto Studio Kastermans

Foto Studio Kastermans

Casper van den Broek
Huizen

Hij noemt zichzelf een beetje een nerd. Bijzonder rationeel, wat sociaal niet altijd handig is. ,,Daar hebben veel vliegers last van, hoor’’, zegt hij op het zonovergoten terras van restaurant Tafelberg in Blaricum. ,,Mijn vrouw is gelukkig heel sterk op het sociale vlak. Ik laat haar ook altijd alles lezen voordat het de deur uit gaat. Zij haalt de scherpe kantjes eraf. Ik ben gewoon feitelijk. Zo ga je in de cockpit ook met elkaar om. Als er iets is, zeg je dat. Niet om een ander te bekritiseren. Maar omdat je je zorgen maakt ergens over. Uiteindelijk heb je als vlieger maar één opdracht: overleven. Vliegers praten niet met een extra laag informatie, met onduidelijke boodschappen. Dat is levensgevaarlijk.’’

Benno Baksteen (66) woont al sinds 1976 in Huizen, niet ver van het restaurant op de hei. Hij kwam er door toeval terecht. ,,Op bezoek bij vrienden zagen we een leuk huis in een mooie omgeving. Nooit meer verhuisd. Altijd tevreden geweest. Je kunt bang zijn dat je huis niet het beste is, niet groot genoeg. Dat hebben wij niet. En we hebben altijd fijne buren gehad. Dat is veel waard.’’

Baksteen wordt in 1948 geboren in Rotterdam. Zijn vader is boekhouder, zijn moeder huisvrouw. Hij heeft een jongere broer. ,,Als kind wilde ik gaan varen, net als mijn opa. Hij was altijd barbier geweest op een schip. Ik ging vaak kijken bij de haven, logisch als je opgroeit in zo’n havenstad. Fascinerend vond ik het, al die schepen.’’ Baksteen kan goed leren en gaat naar de HBS. ,,Ik wilde graag weten hoe alles in elkaar zat. Ik haalde hoge cijfers. Daar ging het mij niet om, hè. Maar ja, als je precies wil weten hoe iets werkt, dan krijg je dat.’’

Baksteen gelooft in toeval en misverstand. ,,Een jongen bij wie ik in het schoolbankje zat, begon over een zweefvliegcursus. Dat leek me wel wat. Het was een door de overheid gesubsidieerde cursus. Je moest wel aangeven dat je belangstelling had voor de luchtvaart. Nou ja, dat heb ik toen natuurlijk ingevuld. Ik was een jaar of 16 en mocht solo vliegen. Geweldig! Helemaal afhankelijk van de elementen en je eigen kunnen.’’ Baksteen besluit de aanbeveling van zijn mentor - een technische studie - te laten voor wat het is, en schrijft zich in bij de Rijksluchtvaartschool. Na twee jaar moet hij in dienst en komt terecht bij de Marine Luchtvaartdienst. Hij is de laatste van zijn lichting die nog 21 maanden in dienst moet. Zijn medestudenten die net iets later aan de opleiding zijn begonnen, slaan dienst over, en kunnen meteen bij KLM aan de slag. ,,Tja, daar kun je over zeuren, maar je kunt er ook wat van maken. Nu kijk ik terug op een mooie periode. Stel je voor dat je als broekie van 20 mag vliegen met die militaire vliegtuigen, met aan boord wapens. We leerden in formatie vliegen. Daarna nooit meer gedaan. Financieel was het nadelig. Maar weet je, het draait in het leven niet om geld. Je moet leven. ’’

Baksteen ziet in zijn lange carrière als gezagvoerder bij de KLM de hele wereld. Het vormt hem. ,,De vliegwereld kent eigen regels. Ik dacht altijd dat normaal was, dat iedereen op die manier met elkaar omging. Maar dat is niet zo.’’ Dit inzicht overviel hem toen hij eind jaren tachtig president werd van de Vereniging van Verkeersvliegers. ,,In zo’n functie kom je steeds meer in contact met organisaties buiten het voor mij bekende vliegwereldje. Ik realiseerde me hoe bijzonder onze manier van werken is. Protocollen en regels zijn bij ons altijd ondersteunend, en niet leidend. En natuurlijk worden er fouten gemaakt. Maar de manier waarop we er mee omgaan is vervolgens totaal anders.’’

Veiligheid, protocollen, regelgeving. Baksteen gaat er sneller van praten. Gedreven. Hij legt uit hoe essentieel het is om na een ongeluk eerst eens rustig te kijken naar wat er is gebeurd. Hamvraag: was het malafide of bonafide. Was het dus met een kwade of goede bedoeling. Als het waarschijnlijk kwaad is, dan is het direct een zaak van het openbaar ministerie. Maar als het waarschijnlijk bonafide is, wat in de ogen van Baksteen meestal het geval is, dan zou het onderzoek heel anders moeten verlopen. ,,Het gaat er dan niet om of je een schuldige kunt aanwijzen. Het gaat er om dat je leert van wat is fout gegaan. En daarbij moet de hoofdpersoon in alle veiligheid kunnen vertellen waarom hij of zij bepaalde keuzes heeft gemaakt. Zonder de dreiging van een gebroken carrière. Daar heeft namelijk helemaal niemand iets aan.’’

Oplossingsgericht

Deze benadering is volgens Baksteen op veel vlakken in de samenleving toepasbaar. Hij noemt de gaswinning in Groningen, de crisis in de financiële wereld, de manier waarop de jeugdzorg is georganiseerd, en de zaak Tuitjenhoorn, waar al direct de schuld werd afgeschoven op de betrokken huisarts. ,,Fout. Natuurlijk mag je je afvragen wat er daar nu eigenlijk is gebeurd. Maar dat dit een bonafide zaak is, was al snel duidelijk. Het is toch niet voor niks geweest dat hij naar die hoge dosis morfine heeft gegrepen. Uit nader onderzoek is inmiddels gebleken dat de huisarts eerder had meegemaakt dat euthanasie niet verliep zoals gepland. Dáár had destijds direct het gesprek over moeten gaan.’’

Oplossingsgericht, niet beschuldigend. Een normale benadering in de vliegwereld. Maar behoorlijk onbekend in de rest van de wereld, die aan elkaar hangt van protocollen en regels, zegt hij. ,,Ze staan niet meer in dienst van het proces, van de mensen. Ze zijn het middelpunt geworden. Zo fout. Het heeft met de illusie van controle te maken. Managers denken dat ze op die manier de boel in de hand kunnen houden. Dat is onzin. Mensen die het werk doen, zouden veel meer verantwoordelijkheid moeten krijgen. Zij weten wat er speelt, wat nodig is. De hoogste bazen hebben vaak geen idee.’’

Veiligheid. Ook een stokpaardje van Baksteen. ,,Veiligheid is het allerbelangrijkst, wordt vaak gezegd. Onzin. Honderd procent veiligheid bestaat niet. Je moet kleine risico’s accepteren, anders heb je geen leven. Hier moet de overheid ook een slag maken. Lef hebben om afwegingen te maken en dit vervolgens goed uit te leggen aan de burgers. Nu verschuilt men zich vaak achter regelgeving, schuift op die manier verantwoordelijkheden af.’’

Baksteen zegt dat mensen die in de luchtvaart werken zich zeer bewust zijn van het kleine, onvermijdelijke risico. ,,Daarom ben ik ben ook tegen crisismaatregelen zoals nu weer is gebeurd na die ramp met Germanwings. Als je wat langer nadenkt over de impact van die nieuwe regel - altijd twee man in de cockpit -, dan weet je dat dit niet gaat werken. Het ergste is dat je als organisatie daarmee feitelijk zegt dat je je eigen mensen structureel niet vertrouwt. En op wantrouwen kun je geen samenleving bouwen. Ik ben een optimist, ga uit van het goede van de mens. Heel soms kom je dan bedrogen uit. Hoe verschrikkelijk ook voor de nabestaanden, honderd procent veilig is het niet te maken.’’

Hetzelfde zegt hij over de ramp met de MH17. ,,Natuurlijk is het achteraf makkelijk om te zeggen dat ze daar niet meer hadden mogen vliegen. Maar sinds onduidelijk was wie nu eigenlijk de leiding had in het luchtruim boven De Krim, was het drukker dan ooit boven Oost-Oekraïne. Ik vind het allemaal mooi hoor, die poging om meer informatie met elkaar te delen over veiligheid. Maar wie zegt dat je alle informatie krijgt? De enige les die we kunnen trekken is: als je weet dat zware wapens zoals luchtdoelraketten in handen kunnen zijn van rebellen of andere groeperingen waar erkende overheden geen grip op hebben, dan moet je daar niet meer vliegen.’’

Rust. Het is zijn karakter. En ook onlosmakelijk verbonden aan het piloten vak. Die rust past perfect bij zijn rol als luchtvaartdeskundige. Al jaren verschijnt hij in de media, als er een vliegramp is. Hij schetst de mogelijke scenario’s, zet de feiten op een rij. Zonder te oordelen. Hij vindt dat betrokkenen het recht hebben op informatie, hij realiseert zich dat ieder snippertje voor hen waardevol is en dat het helpt bij de verwerking. Hij gruwt van de complottheorieën die altijd direct na een ramp de ronde doen. Daarom wil hij duiden, dingen uitleggen vanuit zijn deskundigheid. ,,Natuurlijk vind ik het allemaal verschrikkelijk wat er gebeurt. Maar ik ben niet in paniek of verrast. Piloten kennen de risico’s. Soms wordt het besef dat je geen onfeilbare held bent, het besef van je eigen kwetsbaarheid en de gevolgen van je falen te zwaar. Vooral oudere piloten kunnen daar last van krijgen. In zo’n geval is het goed dat daar in de vliegwereld ruimte en aandacht voor is. Het is een omgeving waar je zonder gezichtsverlies kunt worden bijgeschoold of afscheid kunt nemen. Een voorbeeld voor de hele samenleving.’’

Meer nieuws uit Gooi en Eemland

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.