Spuuglelijk of vorm van gedurfde architectuur?

Casper van den Broek
’s-Graveland

Je ziet het vaker, zoals op het Amsterdamse Rokin. Een beschermde omgeving, met daar tussenin nieuwe, gekleurde architectuur. De nietsvermoedende bezoeker schrikt zich eerst wild. Daarna begint langzaam het denken.

Het gevolg van dat denken kan zijn dat hij of zij het ontwerp spuuglelijk en weinig passend vindt. Maar het kan ook zijn dat die toeschouwer langzaam tot de conclusie komt: „mwaw, best gewaagd, maar eigenlijk wel leuk. In zo’n geval hoeft het niet eens een postmodernist te zijn, die zich thuisvoelt in de Tate Modern en andere musea met confronterende kunst. Ook conservatief ingestelde mensen vinden de piramide van het Parijser Louvre best wel aardig.

Zo gaat het precies met Castor en Pollux, de twee luxe appartementengebouwen die nu al weer zo’n acht jaar aan het Noordereinde in ’s-Graveland staan. Wie vanaf Hilversum over de Leeuwenlaan ’s-Graveland binnenrijdt kan het rode en blauwe complex aan de rechterhand niet missen. Het zijn echte blikvangers.

Na al die tijd lopen de meningen over Castor en Pollux nog steeds flink uiteen. Er zijn mensen die het tweetal binnen het beschermde dorpsgezicht van ’s-Graveland, met z’n bijzondere landgoederen absoluut niet passend vinden, terwijl anderen het eindelijk de vernieuwing vinden waar het dorp al meer dan veertig jaar op zit te wachten.

De komst van de blauwe en rode jongens, waarvoor de woningprijs bij oplevering tussen de acht ton en 1,3 miljoen euro zat, had heel wat voeten in de aarde. Al in de jaren negentig bestonden er plannen voor woningbouw op dit in de volksmond ’Plutoterrein’ geheten gebied. Hier was vroeger immers een kinderopvang met deze naam gevestigd. ING Vastgoed was bereid het terrein te ontwikkelen. Van de winst voor de gemeente konden nieuwe onderkomens voor onder meer de muziekverenigingen en de kinderopvang worden gerealiseerd.

In de gemeenteraad vond een meerderheid van de politieke partijen het project te megalomaan, waarna het werd afgeschoten. Daarom werd in 2005 een nieuw, kleiner plan gepresenteerd door het Belgische architectenbureau Ellerman Lucas van Vugt. Daarna kwam de ontwikkeling in een stroomversnelling.

Nog voordat de eerste bewoners hun intrek namen was er al een discussie over de kwaliteit uitgebarsten. Volgens ’s-Gravelander Willem Pothof is het maar goed dat gebouwen tegenwoordig niet lang mee hoeven te gaan. „Misschien hebben de betrokkenen dan wél de visie, inspiratie en creativiteit om iets neer te zetten wat resoneert met de tijdsgeest, mens, omgeving en natuur”, zegt hij op de Wijdemeerse Webkrant. Tot die tijd kan door een nieuwe bomenrij misschien deze „monumentale misser” aan het zicht worden onttrokken.

De nieuwe bewoners Hannejet IJdo en Jan Aalberts uit Veenendal zijn gewoon blij met hun optrekje: „Een buitenkansje, zo vlak langs de weilanden, met soms een edelhert wandelend in de buurt.”

Meer nieuws uit Gooi en Eemland

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.