Het gelijk van geld (?)

Mart Smeets

In de opmerkelijke stilte rond de voetbalvijver van de laatste dagen was ineens de rimpeling rond Ajax-speler Nemanja Gudelj opvallend. Alleen al het gerucht dat hij wellicht naar het Chinese Tianjin Teda zou verkassen, bracht hele polemieken tussen voor- en tegenstanders van de middenvelder van de Amsterdamse club naar boven.

Ik ben een toekijker op grote afstand en heb me, al vanaf ’s mans transfer van AZ naar Amsterdam, verbaasd. Hoe goed moest hij wel niet zijn, bedacht ik ten tijde van de overgang, dat hij zijn gehele familie in die transfer kon betrekken?

Welke voetballer, hoe goed hij ook is, kan zijn kleine broertje en zijn vader in mooie deals meenemen naar een nieuwe ploeg? Had hij zoveel krediet? De rol van de makelaar wellicht?

Vlado Lemic heet de man en die kan nou niet echt door de voetbalwereld stappen met een imago waardoor hij overal applaus hoort. Bij PSV en Vitesse kunnen mensen nog slecht slapen als men zijn naam noemt.

Of de makelaar ook hier aan de slag is gegaan lijkt evident, maar wie weet over Gudelj echt dingen zeker?

Zo had ik hem zelf graag aan het woord gehoord over zijn gedachten en daden van de laatste maanden. Zelfs als dat een verhaal van een over het paard getild, verwend jongmens was geweest, had ik juist dat verhaal graag willen horen.

Hoe waren zijn gesprekken met coach Peter Bosz geweest? Was hij redelijk en de coach onredelijk? Hoe had de rest van de selectie gereageerd? Of is het daar alleen maar te doen om het eigen hachje en is iedere concurrent voor een basisplaats ook direct een vijand en praat je niet met die mannen?

Ik ga van de stelling uit dat geen enkele sporter te goed is voor de bank. Iedereen komt daar weleens op terecht, ook een van God gegeven speler als Gudelj. En juist dat aspect ging bij Ajax ernstig kriebelen; dat immer aanzwellende geluid van een sportman die zijn eigen waarde ruim leek te overschatten.

Neen, hij was niet zo goed als hij en zijn familie dachten en die harde plaats op de bank deed hem niet erg goed; hij had uiteraard het recht dat te denken, maar hij bleek niet te willen bewijzen dat zijn coach het verkeerd zag door zich extra te gaan inspannen.

Volgens de verhalen gaat hij nu voor het grote geld. Op 25-jarige leeftijd, met een minimum aan geestelijke bagage, gaat hij spelen in een land waarvan hij de cultuur en de voetbalwereld niet kent en juist dat is in feite de zielige kern binnen dit verhaal.

,,Ja’’, roepen zijn pleitbezorgers in koor. ,,Hij houdt er in ieder geval een vet dikke portemonnee aan over en dat is mooi meegenomen. Hij is binnen.” Of dat allesbepalend is en of een mens daar (sportief en geestelijk) tevreden van wordt en blijft, is maar zeer de vraag. Sporters met een zeer laag incasseringsvermogen willen nog weleens sneuvelen als er groot geld in hun buurt verschijnt.

Of heeft mijnheer Lemic het daar nooit over?

Meer nieuws uit Sport Regionaal