Exit met ritme òf beweging

Joyce Huibers
Soest

De expositie ’Ritme en Beweging’ is de laatste op de inmiddels vertrouwde locatie van De Ploegh in Soest. Vier kunstenaars, waaronder één gastexposant, tonen hier hun werk.

De collectie met sterk werk oogt rustig, met de vele grijstinten en simpele vormen. Dat strookt niet helemaal met het thema ’beweging’. Beweging betekent dynamiek, groei, leven, of zoals voormalig directeur van het Museum voor Communicatie Titus Yocarini in zijn openingswoord zei: ,,Het is de basis van ons zijn.”

Dat had natuurlijk met felle kleuren overgebracht kunnen worden, maar hier ademt de ruimte een sombere sfeer, alsof de kunstwerken treuren om het vertrek van de Ploegh.

De tentoonstelling lijkt te willen zeggen dat de twee delen van het thema niet samen gaan. Hoewel veel van de kunstwerken op succesvolle wijze een gevoel uitdragen, is dit vaak òf ritmisch òf beweeglijk. De twee wisselen elkaar af en komen nauwelijks in één werk samen.

Bedeesd

Het werk van José van Tubergen bijvoorbeeld heeft een zekere maat. Haar schilderijen geven, door het gebruik en de herhaling van een veeltal aan vierkante vormen, een bepaald tempo mee – maar het blijft juist door het gebruik van deze eenvoudige figuren bedeesd.

De schilderijen van Willemijn van Dorp zijn een stuk losser. Haar werk doet denken aan de Chinese kalligrafie, waarin de manier waarop het penseel zich over het papier beweegt van belang is. Juist door Van Dorps ongecompliceerde compositie kunnen we deze waardevolle penseelstreken volgen. Er is als het ware te zien hoe het penseel over het doek heeft gedanst, in allerlei richtingen en met weinig vaststaande patronen.

Hoe anders is het werk van Bernadette Goossens, die juist relatief starre lijnen verticaal op een overvol schilderij neerzet. De dunne verfstreepjes zijn met een bepaald soort vastberadenheid geschilderd, waardoor het geheel zowel teer als krachtig aandoet.

Geborgenheid

In sommige werken lijkt het alsof er een zomerse regenbui tegen het raam aan slaat, die lange striemen op het glas achterlaat en het uitzicht doet vervagen. Het geeft een natuurlijke vorm van ritme, wat zeker een inspiratiebron voor Goossens is geweest, en daarmee een aangename geborgenheid weer.

Een goede optie om de termen ritme en beweging te combineren, is kinetische kunst: werk dat, vaak in een herhaald patroon, ritmisch beweegt.

Eric Don komt met zijn standbeeld ’Motion’ het dichtste bij dergelijke kunst. De grote springveer, van grof en verweerd staal gemaakt, komt uit de grond gebarsten. De spiraal, waar een mannetje op loopt, heeft een circulaire ritmiek: rond, en weer rond, en weer rond, tot in de oneindigheid.

Het mooiste van ’Motion’ is dat het kan bewegen. ,,Je mag er best een trap tegenaan geven”, vertelt Don. Dat gebeurt dan ook regelmatig: de bezoekers leven zich uit, waarna het ding nog tien minuten heen en weer staat te wiegen. Ritmisch èn beweeglijk.

Meer nieuws uit GE

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.