Altius in de greep van vliegramp

Voorzitter Tom Verdam van de getroffen voetbalclub Altius in Hilversum

Voorzitter Tom Verdam van de getroffen voetbalclub Altius in Hilversum

Susanne van Velzen
Hilversum

Het parkeerterrein van voetbalvereniging Altius staat bomvol. Maandagavond tien voor zeven. Vaders, sommigen in pak rechtstreeks vanuit hun werk, en moeders op hakken halen hun kinderen op. Verhitte hoofden, uitgelaten gejoel. Ze hebben net een uur lekker getraind. De velden zijn alweer bezet. Een meidenteam schiet lachend hard op doel. Het nieuwe seizoen draait op volle toeren.

In het clubhuis zitten bestuursleden ingespannen achter de computer. Vrijwilligerswerk is nooit af. Voorzitter Tom Verdam schenkt koffie. ,,Welkom bij Altius.” Een week eerder wilde hij het interview nog afzeggen. Bang dat mensen zouden denken dat hij zo nodig met zijn hoofd in de krant moet. Het verhaal mag niet over hem gaan, zegt hij. Het moet gaan over de rollercoaster waarin de voetbalclub terecht komt na het verlies van Charles en Therese Smallenburg en hun kinderen Carlijn en Werther door de vliegramp. ,,Ik ben maar toevallig voorzitter van die vereniging” , zegt Verdam. Hij begrijpt dat het verhaal niet helemaal zonder emoties verteld en opgeschreven kan worden. Anders komt hij over als een ijskonijn, en dat is hij niet.

Donderdag 17 juli

,,Ik kom net uit mijn werk rollen. Het is rond half zeven. Heb een drukke dag achter de rug. Geen tijd gehad om nieuws te volgen. Dick van onze technische commissie belt. Of ik gehoord heb dat er een vliegtuig neergestort is. Nee dus. De kans is groot zegt hij dat Charles en zijn gezin aan boord zijn. Dan zakt de grond onder je voeten vandaan. We verdelen meteen de taken. Via een clublid dat bevriend is met het gezin, kan ik de reisorganisatie achterhalen en het vluchtnummer bevestigd krijgen. Maar het is daarmee nog niet zeker dat ze aan boord waren. Stel dat ze het vliegtuig gemist hebben. In het journaal van acht uur wordt een nummer van Buitenlandse Zaken vrijgegeven. Ik ben om kwart over acht gaan bellen. Om kwart over tien heb ik iemand aan de lijn. En die mag niets zeggen. Ik ben geen familie. Heel boos ben ik toen geworden.’’

,,Ondertussen vliegen de berichten dat zij aan boord zouden zijn, over Facebook en Twitter. Ook vanuit leden van de vereniging. Ik zie de ernst van de situatie en schrijf een kort statement, waarin we als club onze afschuw en verdriet uitspreken over het omkomen van het gezin. Het staat klaar om op de Facebookpagina van Altius te plaatsen. Ik weet nog dat ik stiekem hoop dat ik Charles later excuses moet maken omdat het bericht niet klopt. Officieel weten we nog niks zeker.’’

,,Kort na kwart over tien krijg ik vanuit drie verschillende bronnen die elkaar niet kennen, te horen dat ze in het vliegtuig zaten. Dan is het eigenlijk honderd procent zeker. Overleg met Dick. Om half elf staat ons bericht op Facebook. Dan is het voor de buitenwereld geen gerucht meer maar werkelijkheid. We hebben op dat moment slechts 212 volgers op Facebook. Ik realiseer me niet hoe snel berichten gedeeld worden en de hele wereld over gaan. Om elf uur hebben 8000 mensen het bericht gelezen. Zaterdag zijn dat er 72.000.”

Vrijdag 18 juli

,,Om half zeven in de ochtend krijg ik een appje van Dick met een link naar The Jakarta Post. Ze hebben een lijst met zeventien namen uit gevonden paspoorten gepubliceerd. Op plaats twaalf staat Werther Smallenburg. Dan knapt er iets. Alle hoop die ik misschien tegen beter weten in nog heb, is weg. Om acht uur ga ik op de fiets naar mijn bedrijf. Me totaal niet realiserend dat we dan al wereldwijd trending topic zijn in het nieuws. We hebben, blijkt later, de allereerste namen van slachtoffers van de vliegramp bevestigd.’’

,,Op dat moment hebben we nog geen idee wat er over ons heen gaat komen. Van werken komt niets meer. Vanaf de club krijg ik bericht dat SBS 6 en RTV Noord Holland al in alle vroegte op de stoep staan te filmen. We spreken af dat alleen ik pers te woord sta. Ze worden weggestuurd.’’

,,Rond tien uur komt de officiële lijst met namen van passagiers vrij. Nu is het echt waar. Met drie man van Altius verdelen we de taken. Een klein organisatietje ontstaat. Slachtofferhulp wordt gebeld om advies. We merken dat er bij teamgenootjes van Werther behoefte is om bij elkaar te komen. We besluiten om zaterdag op de club de deuren te openen om de eerste emoties met elkaar te delen. Met de gemeente is inmiddels ook contact. Dat verloopt perfect.00

,,Rond half drie breekt het circus echt los. Achter elkaar bellen media. Kranten, radio, televisie. Uit Amerika, Canada, Polen, Noorwegen, Duitsland, België. Ik word totaal overvallen. Ze willen alles weten. Over het gezin, over de club. Op gevoel sta ik ze te woord. Over het gezin zeg ik niks. Ongepast vind ik dat. Het is een hell of a job.’’

,,Ineens realiseer ik me dat we de eerste club zijn met een herdenking en dat de pers daar massaal op gaat duiken. Er moet beveiliging komen om ze buiten het hek te houden. Kinderen en ouders mogen niet overvallen worden door camera’s en microfoons op zo’n emotioneel moment. Gooiland Beveiliging wordt ingeschakeld. We besluiten dat alleen de NOS de volgende dag tijdens de bijeenkomst sfeerbeelden mag maken.”

Zaterdag 19 juli

,, Zo’n tachtig mensen komen naar de herdenking. Er staat inmiddels een tafel met condoleanceboek, kaarsjes en een foto. Burgemeester Pieter Broertjes en wethouder Floris Voorink zijn er. Geweldige steun voor ons.’’

,,De beveiliging bij het hek blijkt nodig. CNN, Channel 4, BBC, NBC, Scandinavische tv. Het is een gekkenhuis. Ze zijn er allemaal. Om vijf uur is de bijeenkomst afgelopen. Met de tv-ploegen is afgesproken dat ik om kwart over vijf een kort statement geef. CNN mag een interview op het kunstgrasveld doen. Maar die houden zich totaal niet aan de afspraken. Vragen mijn mening over de Russen en over de separatisten. Stoppen maar en wegwezen. Het is niet uitgezonden.”

Zondag 20 juli

,,In zestig kranten staat de herdenking. Voetbalclub Altius in The Washington Post met een foto van het ANP. Ik sta in de eerste alinea en de burgemeester ergens onderaan. Het voelt ongemakkelijk, die ongebreidelde aandacht, terwijl we de pers juist zoveel mogelijk op afstand proberen te houden.’’

,,Op de club klotsen de emoties op dat moment nog alle kanten op. Dit is de dag waarop we voor het eerst in contact komen met de nabestaanden, met de zussen van het echtpaar. Vanaf dat moment is duidelijk dat alles in overleg met hen gaat. De wensen van de familie zijn leading. Ik vertel ze over de bijeenkomst zaterdag. Ze zijn geroerd. Binnen het bestuur komt ter sprake of we het Hilversums Pupillen Kampioenschap op 16 augustus moeten cancellen. Ik opper dat het een mooi eerbetoon kan zijn. Een moment om het verdriet ook met andere clubs die getroffen zijn te delen. De familie ziet het zitten.”

Dinsdag 22 juli

,,Met Olympia, de vereniging waar leden van het omgekomen gezin Allen uit Hilversum speelden, werken we het idee voor de herdenkingswedstrijd op 16 augustus uit. We laten de teams van de omgekomen jongens met tien man spelen. Zo symboliseren we de leegte die ze achterlaten. Alle ouders en andere belangstellenden krijgen een plek langs de lijn. De spelers van de selectie komen speciaal terug van trainingskamp. Met een geweldig team van Altius en Olympia pakken we de organisatie op. Ik lig van twee dingen wakker. Gaat het geen chaos worden met wellicht duizenden bezoekers? En hoe kunnen we de nabestaanden, die er graag bij willen zijn, in de anonimiteit een mooie herdenking garanderen?”

Als de herdenking 16 augustus achter de rug is, valt er een last van de schouders van de voorzitter. ,,Het was geen chaos, dankzij steun van politie en gemeente. En de nabestaanden stonden ergens rustig in het publiek. Onopvallend tussen de 1200 aanwezigen. Na afloop hebben we elkaar gesproken. Het was goed.”

Na twee uur praten schuift Tom Verdam zijn stoel naar achteren. Hij zucht. ,,Maak er maar een zo feitelijk mogelijk verhaal van. En noem hun namen maar niet te veel. Het is allemaal nog zo pijnlijk.”

Meer nieuws uit Gooi en Eemland

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.