'Ik wist niet wat oorlog betekende'

huizen

Leerlingen van de Scholengemeenschap Huizermaat in Huizen interviewden hun grootouders in het kader van het project 'Oma, wat deed u in de oorlog?' Hieronder het verhaal dat een van hen uit de mond van zijn grootouders optekende.

Opa; Op 10 mei 1940 begon ook in Nederland de oorlog. Ik zag de grote Duitse tanks binnen komen en het enige wat ik dacht was; wat gaan ze met ons doen? Schieten ze nu al onze huizen plat of schieten ze ons plat? Ik wist niet wat oorlog betekende. Ik was wel heel erg bang en voelde mij heel angstig. Wij vonden die Duitsers maar niks en noemde ze dan ook moffen. Ook mijn ouders hadden geen sympathie voor de “moffen”, want hij moest in een mijn werken voor een Duitser, ondanks onze Duitse achternaam; Helfrich. Mijn moeder die had het verder druk met het huishouden dus die had er minder mee te maken.

Oma; Mijn vader hielp mee met de ondergrondse. Hij zat hij het verzet om Joden een goed onderduikadres te geven of om dingen te saboteren. Maar op een avond stonden de Duitsers bij ons zelf aan de deur wat mijn vader al had voorzien. Hij had voor zichzelf een onderduikadres geregeld waar hij tot de oorlog voorbij was is gebleven.

Opa; Toen de Duitsers er eenmaal waren konden we weinig doen om ons te verzetten. Hun leger was veel sterker dan dat van ons. Dus echte gevechten heb ik ook niet gezien. Wel van een afstand. Bij de Afsluitdijk schoten ze op de Duitsers, omdat dat een goede doorgang was naar Noord-Holland. Ik weet wel dat ze mij een keer één nacht hebben opgepakt, omdat ik en mijn vrienden een feestje hadden en luidruchtig en gezellig aan het zingen waren waardoor de Duitsers dachten dat, dat tegen hen was. Het was een hele rare situatie. Vooral omdat ze er waren en ze mensen ombrachten. Ook werd op een gegeven moment mijn melk door ze afgepakt. De Duitsers waren erg egoïstisch en wilden alles voor zichzelf.

Oma; Soms werd er aan ons een tip gegeven dat er ergens een zakje hagelslag te verkrijgen was. Ik als klein meisje werd daar dan heen gestuurd om dat te halen. Dan stond je uren in de rij voor een klein zakje hagelslag. We aten dingen die ik nu niet eens meer lekker zou vinden. Maar omdat er zo weinig was vond je dat wel lekker toen.

Opa; Ikzelf was ondergedoken samen met mijn broer, omdat ik een jonge jongen op het hbs was en dus wilden de Duitsers dat ik voor hen werkte. Maar dat wouden wij niet en wij gingen onderduiken op een boerderij in Wijnaldum waar ze het een en ander ook nog wel verbouwde. Dus echt honger hadden wij niet in het Noorden. Wel merkten wij veel van de Jodenvervolging. In Harlingen waren veel winkels die van Joden waren. Mijn schoonvader en andere mensen in het verzet hadden ze veel gewaarschuwd maar de Joden waren aan het begin van de oorlog nog een beetje klein gelovig en dachten dat het allemaal wel mee zou vallen. Maar toen dat niet zo bleek te zijn werden er een hele boel opgepakt en weggevoerd naar kampen. Ikzelf zat dus ondergedoken en dat was geen pretje. Omdat het zo lang duurt en je zo bang bent word je snel zenuwachtig. Je bent bang dat elk moment iemand je verraadt en je wordt ontdekt.

Oma; Na zevenen mocht je niet meer over straat en alle lichten moesten uit. Je mocht geen teken van leven meer geven aan de buitenwereld. Stiekem hadden wij een radio met een Engelse zender. Onze buurman had een bepaald zendertje gemaakt waardoor wij die zender konden ontvangen. Daardoor wisten we dat we bevrijd zouden worden. Toen uiteindelijk deze dag aankwam was het een groot feest. We gilde het uit, en waren door het dolle heen. We sprongen op de tanks en wisten niet wat we moesten zeggen zo bij waren we.

Opa; Ook wij kwamen zo snel mogelijk terug naar Harlingen waar het feest enorm was. Dit was het moment waar iedereen op had gewacht. Daarna werd de haat tegen de Duitsers natuurlijk enorm. Wat zij al die mensen hadden aan gedaan konden we eigenlijk naar nauwelijks geloven. Maar hoe ouder ik werd hoe meer dat gevoel begon te zakken. De mensen die toen leefden waren al bijna allemaal overleden. De nieuwe generatie kan niet de dingen goed zetten voor wat hun ouders hebben gedaan. Maar toen ik mijn oude dagen doorbracht samen met mijn vrouw op de camping stond er tegen over ons een oud Duits echtpaar. Waarvan de vrouw op een gegeven moment met veel enthousiasme en blijheid verteld hoe zij de grote Hitler een hand had gegeven en de man in het Duitse leger had gevochten. Die kwamen er bij mij niet meer in. Er zijn veel levens verspild en dan zou je denken dat we er allemaal veel van hebben meegekregen. Maar als ik de tv aanzet kan ik gerust zeggen: Ze hebben er niks van geleerd.

Meer nieuws uit Regio

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.