Wachten op het opruimmoment

Susanne van Velzen

Troep is een rekbaar begrip. Dat merkte ik toen ik afgelopen weekeinde terug kwam van vakantie.

Ik noem een slingerende plastic tas in de keuken en een stapel lege pizzadozen op het aanrecht al een behoorlijke rotzooi. Mijn zonen vinden het pas troep als er geen schoon bord, kopje of glas meer in de kast te vinden is. Na twee weken vakantie wilden ze graag weer naar Hilversum. Prima. Ze zijn anderhalve week alleen geweest. Natuurlijk kondig ik mijn terugkeer naar huis ruim op tijd aan.

Twee dagen van tevoren laat ik al even subtiel het woord opruimen vallen. Weinig reactie hoor. Drie uur voordat ik voor de deur sta bel ik nog even vanaf een parkeerplaats in de buurt van Calais. Er klinkt lichte paniek als ik zeg dat ik er over vijf minuten ben. Grapje.

Als ik de voordeur open, moet ik een stapel kranten, folders en post opzij duwen. Middenin de woonkamer staat de kledingtas van mijn jongste zoon. Hij lijkt ontploft. Op de bank slingert een broek. Het aanrecht staat helemaal vol.

De jongens zitten in de tuin met twee vrienden. Een van de vrienden legt mij uit waarom het fijn is om alleen thuis te zijn. ’Je kunt zoveel troep maken als je wil en zelf het moment bepalen dat je opruimt’. Ik snap het. Jammer alleen dat dat moment nooit komt.

Meer nieuws uit Gooi en Eemland

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.