Bijna 48 jaar in het onderwijs

Carla Schalkx (65) te midden van de kinderen van ’haar’ groep 6: ,,Hun mobieltjes vergeten ze niet, hoor.”

Carla Schalkx (65) te midden van de kinderen van ’haar’ groep 6: ,,Hun mobieltjes vergeten ze niet, hoor.”© Foto Studio Kastermans/Leon Dakkus

Tamar de Vries
Bussum

’Voor de klas’ is niet helemaal de juiste omschrijving. Want zij zit ín de klas, tussen de kinderen.

„Ik heb altijd in Bussum gewoond, mijn wiegje stond aan de Singel”, vertelt Schalkx. „Ik was het enige meisje en heb vier broers. Ik was de een naar jongste, maar wel echt een meisje-meisje. Ik speelde ook wel met jongensspeelgoed, maar dat kwam omdat daar het meeste van in huis was”, lacht zij. „Ik heb een heel plezierige, ontspannen jeugd gehad.”

Na de MMS, middelbare meisjesschool, schreef zij zich in voor de laboratoriumschool want zij wilde analiste worden. „Niet omdat ik zo exact was aangelegd, want ik vond een sociaal beroep en kinderen ook wel aantrekkelijk, maar ik wilde niet voor de klas staan ’schreeuwen’. Dat was het beeld dat ik van het onderwijs had. Ik wilde liever in een rustig laboratorium onderzoek doen”, zegt de Bussumse.

Toch zou ze nooit in de banken van de laboratoriumschool plaatsnemen. „Mijn moeder liet een beetje doorschemeren dat zij mij wel geschikt vond voor het onderwijs. Ik ging een beetje twijfelen en ben toen toch maar naar de kweekschool gegaan. Zo heette dat toen nog, later werd het Pedagogische Academie en nu heet de opleiding Pedagogische Academie Basisonderwijs.”

In het klooster Ter Eem in Amersfoort leidden de nonnen meisjes op voor het beroep van onderwijzeres. Amper zeventien jaar begon Schalkx in 1969 aan de opleiding. „Vanwege mijn geboortedatum - 30 september - was ik een jonge leerling. Ik was ook een heel tenger meisje, maar ik redde het altijd wel, hoor. Ik kon me goed staande houden, maar dat neem je later toch mee in de klas: ik lette altijd op of de jongsten en de kleinsten niet ondergesneeuwd raakten.”

Geleidelijk aan trokken de nonnen van Ter Eem zich terug en werden er ’gewone’ docenten aangesteld op de inmiddels tot Pedagogische Academie omgedoopte kweekschool. „En de opleiding werd gemengd, er kwamen jongens bij.” De opleiding richtte zich op alle facetten van het onderwijzersbestaan. „We kregen les in het bordschrijven en we leerden bordtekeningen maken, je kreeg spraaklessen voor een goede uitspraak en leerde je stem goed te gebruiken, bijvoorbeeld voor het voorlezen. Ook leerde je zingen en je moest creatief zijn. Ontwikkeling van creativiteit had te maken met oplossing gericht zijn. Ontwikkelen van fantasie en daaraan uiting geven.”

Na haar studie werd Schalkx gevraagd om les te komen geven op de Bussumse Valentijnschool. „Een negenklassige school op de Bloemhof in Bussum Zuid. Het was een school waar ze aan onderwijsvernieuwing volgens het Jenaplan deden. Ik heb acht jaar full-time op de Valentijnschool gewerkt en toen werden mijn kinderen geboren en ben ik gestopt met werken. In de jaren zeventig mocht je in het onderwijs niet parttime werken, maar ik heb toen wel veel invalwerk gedaan. Zo bleef ik betrokken bij het onderwijs.”

Kindbegeleiding

Schalkx is weer gaan werken toen haar jongste kind vier jaar was. „Dat was in de jaren tachtig, en toen mocht parttime werken wel. Vanaf die tijd werkte ik drie dagen in de week. Ik heb ook met kleuters gewerkt, maar ik had de groepen 3, 4 en 5. Jenaplan werkt met stamgroepen, met onder-, midden- en bovenbouw, was gericht op ontwikkeling, deed veel aan individuele kindbegeleiding.”

„In het Jenaplanonderwijs staat centraal dat kinderen mogen zijn wie ze zijn en zich veilig voelen op school. Hun eigen inbreng is belangrijk, elk kind is uniek. Kinderen leren ook zorgzaamheid voor elkaar en met weektaken leren ze hun eigen verantwoordelijkheid te nemen. In het Jenaplan werkten we niet volgens een vaste methode, maar deden we projecten. Niet alleen kennis verwerven, maar ook creativiteit staat hoog in het vaandel.”

Echtgenoot Bert - ook werkzaam geweest in het onderwijs - komt de stijlvolle, modern ingerichte woonkamer binnen om te vragen of we nog wat willen drinken. Bert heeft Carla’s laatste woorden opgevangen en vult aan: „Car speelde heel erg in op de beleving van kinderen. Dat merk ik ook in haar omgang met onze kleinkinderen, ze brengt rust en inzicht. Haar pensionering is een verlies voor het onderwijs.”

Jaarring

„De Valentijnschool werd te klein. We verhuisden naar de Akkerlaan en kregen de nieuwe naam Jaarring. Later moesten we van het ministerie fuseren met een andere school”, vervolgt Carla Schalkx. „We wilden graag Jenaplanschool blijven maar er was in Bussum geen school die ook het Jenaplan uitdroeg. De Jaarring moest fuseren met de Michiel de Ruyterschool, een heel klassikale school. Er kwamen ook steeds meer allochtone kinderen. Ik vond de fusie met de Michiel de Ruyter moeilijk en toen ben ik naar de Emmaschool gegaan.”

De Koningin Emmaschool was ook een school met klassikaal onderwijs en dat was wennen voor de Bussumse, na de jaren op de Jenaplanschool waar het onderwijs een veel individuelere invulling heeft. „Maar ik had mijn Jenaplan-rugzakje en dat paste ik gewoon toe op mijn nieuwe school”, vertelt Schalkx opgewekt. „Ik had op de Jenaplan drie instructiegroepen; 3, 4 en 5 en op de Emma nog maar één. De eerste tijd was ik wel eenzamer, want op de Jenaplanschool heb je veel meer overleg met andere leerkrachten én met de leerlingen, maar dat veranderde allemaal. Het onderwijs is altijd in beweging en de ontwikkeling werd steeds meer kindgericht werken.”

Uiteraard maakte het onderwijs op de Koningin Emmaschool ook ontwikkelingen door. „De techniek veranderde door de ’digitale wereld’, er kwam aandacht voor filosofie, burgerschap, geestelijke stromingen, de leerlingen kregen Engelse les, de remedial teachers werden afgeschaft en er kwamen er IB’ers, interne begeleiders. Naast de IB’ers kregen wij ook interne contactpersonen (vertrouwenspersonen) voor kinderen, leerkrachten en ouders. Dit heb ik jarenlang gedaan. Tegenwoordig hebben kinderen de beschikking over hun chroombook, een kleine iPad en de gewone schoolborden zijn vervangen door ’digi-borden’, de rol van de leerkracht verschuift van uitleg naar begeleiding en ondersteuning. Scholen gaan steeds meer uit van talentontwikkeling en de vorderingen staan in het leerlingvolgsysteem.”

De geijkte vraag aan leerkrachten die met pensioen gaan, luidt: ’Zijn de kinderen veranderd in de jaren dat u in het onderwijs zat?’ Schalkx hoeft niet na te denken. „Kinderen hebben vaak weinig structuur tegenwoordig. Dat is ook heel begrijpelijk, want er komen zo veel signalen bij ze binnen. Ze krijgen veel voorgeschoteld via media, hun mobiele telefoon. De mobieltjes liggen op school bij mij in de la. Die vergeten ze ook niet, hoor. Hun toetsenblad laten ze liggen maar hun mobieltje niet”, lacht Schalkx. „En vroeger kon je de kinderen als leerkracht meer verwonderen. Uitstapjes en schoolreisjes waren een buitenkansje. Nu is het ’daar ben ik vorige week al geweest’. Daarom gaan wij dit jaar met de kinderen naar het Prehistorisch Dorp in het Eindhoven Museum. We blijven daar een etmaal en het verblijf is helemaal zoals mensen in de prehistorie leefden, dus vuur maken, hout hakken en water of kruidenthee drinken. Geen snoep, geen telefoon, wel een slaapzak maar die ligt op strozakken.”

„Leerkrachten moeten hun leerlingen structuur bieden omdat ze moeten weten waar ze aan toe zijn. We hebben allemaal rust en orde nodig. Wat ik leuk vind is als kinderen gebruik maken van hun kwaliteiten. Ik zie heel mooie spreekbeurten op powerpoint, ze gebruiken filmpjes die ze laten zien in de klas. Doordat ze tv-kijken komen ze ook met meer onderwerpen voor spreekbeurten in aanraking, dus die gaan niet meer zo vaak over hamsters.”

„Op de Emma zeggen we ’gedrag kun je leren’. We doen aan PBS, positive behaviour support. Het gaat om het geven van positieve feedback, complimenten geven, niet de nadruk leggen op dingen die verkeerd zijn gegaan: ’Probeer de volgende keer wel op te letten en als het niet lukt gaan we hulp halen bij een ander’. In deze visie letten we op de eigenheid van kinderen, we stimuleren zorgzaamheid voor elkaar en daardoor bieden we veiligheid aan elkaar. Het is belangrijk dat ook de ouders ermee instemmen want de kinderen moeten thuis op dezelfde wijze worden benaderd.”

Predicaat

Schalkx zag niet alleen de kinderen, maar ook de ouders veranderen. „Tegenwoordig zijn scholen er erg op gericht zich te profileren. Kijk maar naar dat predicaat ’excellente school’ waarmee scholen zich willen onderscheiden. Zeker hier in het Gooi spreekt dat ouders aan, maar ze kiezen wel heel vaak een school dichtbij in hun buurt.” De pensioengerechtigde leeftijd ligt voor de Bussumse onderwijzeres op 65 jaar en negen maanden. „Ik vind het heel gek om weg te gaan. Dit is al weer de derde generatie die ik in de klas heb gehad.” Schalkx bereidde haar pensioen zorgvuldig voor. „Op mijn zestigste heb ik besloten goed met pensioen te gaan, dus niet uitgeteld en der dagen zat. Aan vernieuwingen in het onderwijs geen gebrek maar je moet je wel realiseren dat je ergens een grens moet leggen. Je baan kost je op latere leeftijd toch steeds meer energie. Ik heb altijd als stok achter de deur gehad dat ik met plezier naar mijn werk bleef gaan.”

Meer nieuws uit Gooi en Eemland

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.