Eemland wapenen tegen perfecte storm

Uitzicht op het Eemmeer vanaf de Eemdijk, een van de locaties waar de dijk zal worden verstevigd. foto studio kastermans/ben den ouden© Studio Kastermans/Ben den Ouden

De verzwaring van de Eemdijk had een lange aanloop, maar komt nu tot uitvoering. De Gooi- en Eemlander beschrijft in drie delen de anatomie van dit megaproject. Vorige week de kosten. Vandaag deel 2: de baten.

Wat begint als stevig briesje boven het Markermeer ontwikkelt zich al snel tot een krachtige storm. Windkracht 11 doet het donkere water kolken en opstuwen richting de monding van de Eem en de randmeren bij Bunschoten-Spakenburg.

De mogelijkheden voor het water om via de Eem weg te stromen zijn vanwege zware regenval beperkt, waardoor het waterpeil snel stijgt. De wind zorgt daarbij ook nog voor een hoge golfslag.

Het duurt niet lang of het water klotst over de dijken. Uiteindelijk is het de Westdijk - de oude Zuiderzeedijk - die het begeeft. Door een bres van honderd meter stroomt het koude water de Gelderse Vallei in en zet een gebied van Eemnes tot Baarn, en van Amersfoort tot Nijkerk onder water.

Realistisch scenario? Het waterschap Vallei en Veluwe denkt van wel. Volgens het waterschap zal een dergelijke - wat heet - ’maatgevende storm’ zich gemiddeld eens in de 1250 jaar voordoen. De dijken langs de Eem en randmeren zijn sinds 2002 zogeheten primaire waterkeringen: dijken die moeten beschermen tegen ’buitenwater’, in dit geval het water van het Markermeer.

Het gevolg is dat ze een ’maatgevende storm’ moeten kunnen keren. Daarom is het waterschap de komende jaren bezig met het verhogen van zo’n 22 kilometer dijk langs de Eem en de randmeren. Maar wat zouden de consequenties van een overstroming zijn? En hoe verhouden de baten zich tot de kosten van het project?

Kansberekening

Het lijkt op het eerste gezicht niet vaak: eens in de 1250 jaar. Het betekent dit jaar een kans van 0,08 procent. De kans dat wij een ’maatgevende storm’ in ons leven meemaken is groter: 6 procent. Maar het risico mag dan klein zijn, volgens het waterschap moeten we ons niet vergissen: de consequenties van overstroming zijn groot.

,,Je praat over enorme economische schade”, zegt heemraad Dick Veldhuizen, verantwoordelijk voor de dijkverhoging langs de Eem. ,,De polders komen onder water te staan, maar ook in Amersfoort-Noord zullen de huishoudens het niet droog houden.”

Hoe groot de economische schade precies is, komt naar voren in een onderzoek uit 2012 getiteld ’Overstromingsrisico Dijkring 45 Gelderse Vallei’, dat in opdracht van Rijkswaterstaat is uitgevoerd. De conclusie is klip en klaar: ,,Voor de Eem- en randmeerdijken ligt de schade als gevolg van een doorbraak tussen 25 en 90 miljoen euro’’.

Bepalend is volgens de onderzoekers welke dijk waar doorbreekt. Als bijvoorbeeld de Westdijk het begeeft, zal dat resulteren in een economische schade van 30 tot 60 miljoen euro. Maar mocht de Oostdijk bij Bunschoten-Spakenburg het begeven, en daarmee ook de woonkern van het dorp gedeeltelijk onderlopen, dan kan de schade oplopen tot wel 90 miljoen euro.

Doden

Daarnaast zijn bij een dijkdoorbraak dodelijke slachtoffers niet uit te sluiten. Bij alle scenario’s wordt uitgegaan van nul tot vijf dodelijke slachtoffers, tenzij - en hier wordt een uitzondering gemaakt - er ’tijdig kan worden geëvacueerd’. ,,Het aantal slachtoffers is nagenoeg 0 bij een georganiseerde evacuatie”, merken de onderzoekers op. Maar, zo valt ook te lezen, de kans dat evacuatie plaats kan vinden is beperkt. Dit vanwege de snelheid waarmee het water vanaf het Markermeer zal komen opstuwen. De onderzoekers schatten de kans op 32 procent.

Nederrijn

Pikant aan het onderzoek is dat de auteurs duidelijk maken dat het grote gevaar voor de bewoners van de Gelderse Vallei eigenlijk niet van de Eem en de randmeren komt. In plaats daarvan zouden we naar het zuiden moeten kijken: richting de Nederrijn. Mocht deze rivier buiten zijn oevers treden, zo valt te lezen, dan zal vrijwel het gehele gebied onderlopen.

Met name rondom Veenendaal zal het water hoog komen te staan: ’op sommige plaatsen tot 6 meter’! Nog schrikbarender: de schade zal uitkomen op een bedrag tussen de ’8,6 en €12,3 miljard euro’, en er wordt rekening gehouden met ’95 tot 1235’ dodelijke slachtoffers. ,,Het overstromingsrisico van (…) de Gelderse Vallei wordt bijna geheel veroorzaakt door doorbraken vanuit de Nederrijn”, schrijven de onderzoekers op basis van een vergelijking van de consequenties. ,,Doorbraken vanuit de Eem en de randmeren hebben een bijdrage van minder dan 1%.”

Goede investering?

Is het dijkverbeteringsproject langs de Eem en randmeren dan wel een goede investering? Het project kost inmiddels 84,5 miljoen euro (met mogelijk nog verdere kostenstijging) en de maximale schade bij een ’maatgevende storm’ is maximaal 90 miljoen euro. Daarbij opgeteld: de investeringen in de dijken hebben volgens het waterschap een duurzaamheid van vijftig jaar. Het is dus aannemelijk dat de dijken alweer versterkt moeten worden voordat een dreigende situatie zich aandient.

,,Wanneer je naar de kosten en baten kijkt, ziet het er niet zo gunstig uit”, zegt Peter van der Scheer, projectleider achter het rapport van Rijkswaterstaat. ,,Maar er is een wettelijk kader. Daar moeten de waterschappen zich aan houden.”

Van der Scheer benadrukt wel dat veel werk dat aan de dijken langs de Eem en de randmeren wordt verricht noodzakelijk onderhoud is. ,,De dijken waren er gewoon hartstikke slecht aan toe. Volgens mij waren die al iets van tachtig jaar niet meer aangepakt.”

Maar is het huidige pakket aan zware maatregelen wel noodzakelijk? Het antwoord op die vraag zou wel eens afhankelijk kunnen zijn van het moment waarop deze vraag wordt gesteld. Op Prinsjesdag worden nieuwe normen gepresenteerd voor de Nederlandse dijken: de Deltabeslissing Waterveiligheid.

Lagere norm

Volgens Peter van der Scheer kan dat effect hebben voor de dijken langs Eem en randmeren. ,,Het zou kunnen dat de normering bij de Eem en randmeren omlaag gaat”, zegt hij. ,,Ik denk dat de nieuwe norm voor de Eem lager komt te liggen dan die eens in de 1250 jaar.” Maar om het iets ingewikkelder te maken: Van der Scheer legt uit dat dat ’niet per se’ hoeft te betekenen dat de eisen minder streng worden.

,,Het is lastig de normen met elkaar te vergelijken”, zegt hij. Wanneer de Tweede Kamer de nieuwe normen heeft aangenomen zullen we pas meer weten. ,,Dat is waarschijnlijk in 2017. Dan kunnen we zeggen of het dijkverbeterprogramma minder robuust had moeten worden uitgevoerd of niet.”

Wel is Van der Scheer zeker dat de normen voor de dijken langs de Eem en de randmeren sterk zullen gaan verschillen van die voor de Grebbedijk langs de Nederrijn. Nu zijn die nog gelijk. ,,In de nieuwe norm worden de kosten van dijkverhoging afgewogen tegen voorkoming van schade. De Grebbedijk gaat omhoog ten opzichte van de Eemdijk. Het zou zo eens een factor honderd kunnen worden. Het schadegetal is namelijk ook ongeveer die factor.”

Geen twijfel

Het waterschap Vallei en Veluwe laat weten dat zij zich de afgelopen jaren hebben ingespannen voor een hogere normering van de Grebbedijk. Als het gaat om de robuustheid van de maatregelen langs de Eem bestaat geen twijfel. ,,Het waterschap is overtuigd van de noodzaak van de maatregelen’’, laat een woordvoerder weten. En als de nieuwe normen minder robuustheid vereisen?

Volgens het waterschap gaat de dijkverhoging dan simpelweg langer mee. ,,Dan krijgt de huidige investering een duurzamer karakter, mogelijk zelfs tot aan het einde van deze eeuw.’’

Meer nieuws uit GE

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.