Tijdens de Spelen van 1928 in Amsterdam, dat ’een bron van zedelijk kwaad en een heidens spektakel’ is, maakt de commercie zijn intrede

Bijzondere porceleinen ringencreatie.

Bijzondere porceleinen ringencreatie.© Foto United Photos/Paul Vreeker

Maarten Westermann, verzamelaar van olympische memorabilia, wekt tijdens de Spelen aan de hand van een voorwerp een persoonlijk verhaal tot leven.

Onder druk van de christelijke meerderheid in de Tweede Kamer weigerde de Nederlandse regering financieel bij te dragen aan de organisatie van de negende Olympiade in Amsterdam in 1928. Het evenement gold voor sommigen als ’een bron van zedelijk kwaad en een heidens spektakel’. Toch werd het plan doorgezet, het benodigde geld werd opgebracht door het Nederlandse bedrijfsleven en de bevolking.

Het leidde tot een stortvloed aan souvenirs, zoals keukengerei, gebruiksvoorwerpen en sierborden. Daarmee had ons land als het ware de primeur van merchandising in de sport. Is er tegenwoordig een vuistdik contract nodig om gebruik te mogen maken van het olympische logo met de vijf ringen, in die tijd kon men nog gewoon zijn gang gaan. Dat beeldmerk was in 1914 ontworpen door Pierre de Coubertin, de aartsvader van de olympische beweging, en was in 1920 in Antwerpen ceremonieel geïntroduceerd op een vlag.

In ons land werd het voor het eerst commercieel geëxploiteerd. Niet iedereen wist daar meteen raad mee. Kunstenaar Bernard van Vlymen (1895-1977) sprong nogal vrij om met de opdracht van porseleinfabriek Mosa in Maastricht, om vijf ringen in zijn ontwerp te verwerken. Het is vrolijk stemmend.

Expositie ’Collectie Westermann’ tot 30 augustus in Museum Haarlem, Groot Heiligland 47 in Haarlem. Openingstijden: zondag-maandag 12-17 uur, dinsdag-zaterdag 11-17 uur.

Meer nieuws uit Sport