*

Gooi en Eemlander - Het begon met de verkoop van zand
Verhalen
Gepubliceerd 2 april 2012 10:40 | Laatste update 2 april 2012 10:40

HAARLEM - Elswout is doorgaans rustig, maar op een mooie lentedag komen er soms wel honderden wandelaars op af. Volgens cijfers uit 2008 wordt het landgoed zo'n 140.000 keer per jaar bezocht. Op zondag is de Oranjerie geopend voor thee en koffie. Het nationaal park telt meer landgoederen en buitenplaatsen, zoals Koningshof, Duinlust, Duin en Kruidberg, Heerenduinen, Midden-Herenduin en Caprera.

Landgoederen kwamen in de 17e eeuw in zwang onder de gegoede burgerij, vertelt kunsthistoricus Bertram. Het begon meestal met zandafgravingen, want de verkoop van zand aan Haarlem en Amsterdam was lucratief. Regenten en kooplieden lieten hun simpele buitenverblijven in een boerderij later vervangen door landhuizen, met in model gesnoeide buxusstruiken, knerpende schelpenpaden en gekleurde siersteentjes.

Rijke Amsterdamse koopmansfamilies brachten graag de zomers door in Zuid-Kennemerland. Bertram: ,,Het was informeler dan in de stad, ze konden lekker in de tuin zitten. Maar status speelde ook een rol. Verder werd er gejaagd, een elitesport. De bebouwing was niet protserig. Pronken met rijkdom was hier lang not done."

Veel landhuizen werden rond het jaar 1800 gesloopt toen het economisch slechter ging. Vaak bleven alleen boerderijen en koetshuizen staan. Eind 19e eeuw brak een nieuwe periode van welvaart aan, met rijke families als de Borski's. ,,Toen werden er gebouwen neergezet zoals het Grote Huis. Een beetje patserig, met Italiaanse prots." In de 20e eeuw kwamen veel landgoederen en buitenplaatsen in handen van de overheid en stichtingen. De gegoede burgerij heeft nu een tweede huis in Frankrijk.

 

Meer nieuws
Meest gelezen
Laatste reacties