HILVERSUM - Het is moeilijk te geloven dat ze slechts enkele dagen na de ondergang van de Titanic is geboren. Nellie Blaauboer-den Turk is Hilversums jongste eeuwelinge. Ze nam gisteren in Zuiderheide de felicitaties in ontvangst.
Het is rond half drie gezellig druk in de verjaardagkamer op de derde verdieping van het zorgcentrum aan de Diependaalselaan. De feestelinge geniet zichtbaar. ,,Ze heeft hier enorm naar toe toegeleefd,’’ vertelt neef Marinus Blaauboer. ,,Er is zelfs een achternichtje speciaal uit Amerika gekomen.’’ Loco-burgemeester Erik Boog komt namens de gemeente een boeket en de beste wensen aanreiken.
Nellie den Turk ziet op 26 april 1912 het levenslicht in het Zeeuwse dorp Koudekerke. Neef Marinus vertelt dat
haar vader chef hofmeester was geweest bij het veerbotenbedrijf Maatschappij Zeeland, die voer tussen Vlissingen en Engeland. In 1912 exploiteerde hij een hotel-restaurant in Domburg, maar toen de Eerste Wereldoorlog begon werd het een onderkomen voor gevluchte Belgen. Direct na de oorlog emigreerde Nellie’s grootouders naar de VS; het gezin van Nellie ging in 1922 ook die kant op, naar Washington. Ze kwam er als secretaresse te werken op de Nederlandse ambassade, waar haar vader als conciërge was begonnen.
Daar ontmoette ze haar latere man, Jochem Blaauboer. Die was aan het begin van de oorlog in Washington verzeild geraakt. Hij werd er in 1946 marine-attaché. Een jaar later waren ze getrouwd. Nog eenentwintig jaar bleven ze in de VS, voordat ze terug gingen naar hun geboorteland.
Het werd hier een huis aan de Kolhornseweg in Hilversum, totdat in 1994 het zorgcentrum in zicht kwam.
