Regie: Frederick Wiseman. Met: Brigitte Lefèvre, Pierre Lacotte, Wayne McGregor, Mats Ek, Laurent Hilaire.
Bijna vijftien jaar na 'Ballet', waarin ons een kijkje werkt gegund in de keuken van het American Ballet Theatre, duikt documentairemaker Frederick Wiseman ('Titicut follies') in 'La danse' onder in een ander befaamd dansinstituut: het Operaballet in Parijs.
Solide middelpunt is directrice Brigitte Lefèvre, door een ballerina ook wel schertsend/liefkozend ’God’ genoemd. Met eenzelfde vriendelijke professionaliteit biedt ze alle dagelijkse beslommeringen het hoofd.
Of het nu gaat over arrangementen voor vrijgevige donateurs, een evaluatiegesprek met een ambitieuze nieuweling, of pensioensonderhandelingen. ’’In dit gezelschap heerst een strikte hiërarchie,’’ legt ze een choreograaf geduldig uit, die voor zijn nieuwe voorstelling nog op zoek moet naar dansers. ’’De sterdansers zijn als een raceauto, daar rijd je niet maar tien kilometer per uur mee.’’
De film zit vol kleine juweeltjes, zoals het gekibbel tussen choreograaf Pierre Lacotte en zijn assistente, die steeds maar verzuchten dat het vroeger allemaal toch veel beter was. Of de zichtbare uitputting van twee dansers na een veeleisende repetitie van Wayne McGregor met zijn prachtige, grillige bewegingstaal.
Wel heeft de documentaire één grote makke: zoals gewoonlijk bij Wiseman wordt er geen gebruik gemaakt van verklarende ondertitels, noch van commentaar. Alleen mensen met enige kennis van de danswereld - of veel geduld op het internet - kunnen enigszins volgen of achteraf achterhalen naar wie en wat ze nu allemaal gekeken hebben. Dat maakt de film net iets meer in-crowd dan het had hoeven zijn.
Bregtje Schudel


